| Dag
1 Schiphol - Cancún Dag 2 Cancún – Chichen Itza - Mérida Dag 3 Mérida - Palenque Dag 4 Palenque - Agua Azul - San Cristóbal de las Casas Dag 5 San Cristóbal de las Casas, San Juan Chamula & Zinacantan Dag 6 San Cristóbal de las Casas – Panajachel, Guatemala Dag 7 Panajachel – Chichicastenango - Antigua Dag 8 Antigua |
Dag
9 Antigua -
Copán, Honduras - Rio Dulce Dag 10 Rio Dulce – Livingston - Flores Dag 11 Tikal & Flores Dag 12 Flores, Guatamala - Belize - Chetumal, Mexico Dag 13 Chetumal - Playa del Carmen Dag 14 Playa del Carmen & Puerto Aventuras Dag 15-16 Playa del Carmen - Cancún - Schiphol |
Vrijdag 30 januari 2004 Schiphol - Cancún
Rond 13:45 uur komt Brieg ons
ophalen. ’t Is even “puzzelen” met de koffers, maar uiteindelijk past
alles toch in de auto. Al snel nadat we in vertrekhal 3 zijn aangekomen, komen
we Agatha
en Karenza tegen en samen gaan we
op zoek naar de Fox dame. We verwachten daar de hele groep, maar we krijgen de
tickets en kunnen meteen weer verder. Het inchecken gaat snel. Helaas geen
“lange benen plaatsen” en ook niet bij het raam, maar in ieder geval naast
elkaar.
Met z’n vieren drinken en eten we “achter de grens” en lopen een stuk
langs de winkels. Ook alvast een stukje cultuur: we bezoeken de dependance van
het Rijksmuseum.
Bij de G-pier drinken we nog wat en lopen dat naar gate G7. Al snel mogen we
instappen, maar we vertrekken toch iets later dan gepland. We stijgen om 17:20
uur op, een kwartier te laat. Het vliegtuig zit hartstikke vol, veel Zweden en
andere “knäckbröd” nationaliteiten en we ontdekken de eerste reisgenoten.
We zijn erg nieuwsgierig naar de rest.
De eerste film is Freaky Friday, de maaltijd en tussendoortjes zijn OK. De
tweede film is erg wazig (Down with Love), maar dik 10 uur vliegen is een lange
zit en je moet toch wat. We vliegen
op 8500 meter hoogte, zo’n 770 km/h en het is buiten zo’n 46 graden onder
nul. We hebben regelmatig turbulentie, maar het is te doen. Gelukkig zitten we
niet bij het raam en zien we de vleugels niet..
Voordat we om 21:05 uur plaatselijke tijd landen we in Cancún, wordt het
vliegtuig ontsmet. De stewardessen spuiten in de gangpaden hun (onschadelijke?)
spuitbussen leeg, dit moet schijnbaar van de Mexicaanse overheid.
Zodra we het vliegtuig uitstappen komt de warme, vochtige lucht je tegemoet. Het
duurt even voor we de douane door zijn maar we raken (nu al..) aan de praat met
de Zweedse buurman uit het vliegtuig. Hij blijkt net als wij (waren) een
skydiver te zijn. Na de douane zijn de koffers er al snel en we lopen door naar
de volgende rij. Met het in het vliegtuig ingevulde formulier geven aan dat we
geen duizenden dollars en vlees, groenten en fuit meehebben. We “mogen” dan
op een knop drukken en vervolgens geeft het stoplicht een groen “pase” aan.
Toch worden onze koffers en tassen nog doorzocht. Alleen Agatha heeft schijnbaar een betrouwbaar
hoofd, zij mag gewoon doorlopen. Buiten het gebouw staat Yolanda, onze
reisleidster voor de komende twee weken, tussen de aandringende taxichauffeurs
te wachten. Als de Fox groep compleet is, 26 personen, dan stappen we in de
nette en ruime, maar niet zo moderne bus. Daar ontmoeten we Hennie en Ruud met
wie we in Nederland al via de mail hebben kennisgemaakt.
Onderweg naar het hotel verteld Yolanda ons even gauw de belangrijkste dingen.
We zijn allemaal gaar en verlangen naar een douche en bed. Bij hotel Margaritas
worden gauw de sleutels verdeeld en brengen de bellboys de koffers naar de
kamers. We besluiten eerst even
naar de farmacia te lopen om onze eerste Pesos te pinnen. We halen meteen
wat water zodat we morgen weer genoeg voorraad hebben. Het zo tegen 23 uur op
vrijdagavond en het verbaast ons dat de winkels nog open zijn.
In het hotel lopen we nog even bij Yolanda langs en betalen haar US$ 90 per
persoon voor de excusies en fooien voor de komende weken. Is wel zo makkelijk,
zowel voor ons als voor de reisleidster zelf.
Dan eindelijk, na een frisse douche duiken we heerlijk in bed. Morgen mogen we
nog uitslapen, de wekker gaat pas om 7 uur…
Zaterdag 31 januari 2004 Cancún – Chichen Itza - Mérida
Na
het eerste nachtje in Mexico kan ik toch wel vaststellen dat mijn klok een
beetje van slag is. Om 3 uur vanochtend werd ik wakker en er van overtuigd dat
het al 7 uur was! Gelukkig heb ik daarna nog tot 6:30 uur door kunnen slapen en
was de “wake up call” voor ons overbodig. Bij het ontbijt blijkt dat er meer
mensen vroeg wakker waren. Het schijnt vannacht geregend te hebben, maar ik heb
schijnbaar toch vast geslapen, want ik heb niets gehoord.
We ontbijten in het hotel. Er is een uitgebreid ontbijt-buffet voor 77 pesos per
persoon en het smaakt prima. Heerlijk vers fruit en zoete broodjes.
Na het ontbijt proberen we nog even een mailtje te sturen, maar alles blijkt
dicht. Ook in het hotel.
Om 8:25 uur vertrekken we met de bus richting Chichen Itza. Het is een
ongelofelijk saaie weg, maar daar waren we door één van de boekje al op
voorbereid. Een lange rechte weg, dor en droog landschap, zonder veel
afwisseling. We hebben nu de kans om de bus even goed rond te kijken. Het is een
leuke gemengde groep met verschillende leeftijden en nationaliteiten.
Onderweg vertelt Yolanda e.e.a. over het land en de geschiedenis, over Chichen
Itza en wat praktische tips. Na een korte stop bij het begin van een tolweg,
arriveren we rond 11:30 uur bij het complex van Chichen Itza. Omdat Yolanda niet
de Mexicaanse nationaliteit heeft, mag zij niet mee om te gidsen. Ze heeft een
Nederlandse vriendin, Rene (die met een Mexicaan getrouwd is) geregeld om ons te
gidsen. Het is onvoorstelbaar hoe mooi de ruïnes erbij liggen. Nog
indrukwekkende is hoeveel de Maya’s wisten van wis- en sterrenkunde en dat dit
allemaal is verwerkt in alle bouwwerken.
We lopen van de piramide “El Castillo” (het kasteel) naar de tempel van de
Jaguar, het balspeelveld, het Venus-platform, de heilige Cenote (waar
voornamelijk mannen en kinderen werden geofferd), langs de tempel van de grote
tafels, El Osario en El Caracol..jpg)
Omdat het alweer 13 uur is geweest gaan we gauw terug, want we willen nog de
piramide beklimmen. Dat is 91 steile trede omhoog. We halen het en hebben een
prachtig uitzicht. Zelfs Agatha
heeft haar hoogtevrees overwonnen en staat bovenop! We lopen langs
de muur rondom en genieten van het uitzicht. Na alle waarschuwingen (thuis al
van pap & mam) valt de afdaling reuze mee. Om geen risico te nemen dalen we
via het touw en achterstevoren af. Dit was zeker de moeite waard!
Het is dan tijd om weer terug te gaan naar de bus. Na een paar minuten rijden
komen we aan bij een leuk restaurant voor de lunch. Voor 150 pesos eten we met 2
personen van het buffet (inclusief vlees). Het smaakt goed en het is er
gezellig. Als een paar meisjes en jongens “leuk voor de toeristen” gaan
dansen, voel ik me opeens erg opgelaten. Daar hou ik dus helemaal niet van.
We rijden verder richting Mérida. Yolanda vertelt weer over de geschiedenis van
Mexico, over Mérida en geeft wat praktische tips, o.a. over malaria en
restaurantjes voor vanavond. Het is weer een saaie, lange rit met weinig
afwisselend landschap. Onderweg hebben we nog een klein beetje regen, maar we
zitten droog.. Het is bewolkt, maar wel erg warm.
Rond 17 uur rijden we Mérida binnen. Voordat we naar het hotel rijden bezoeken
we het Palacio de Gobierno aan het zocolo, waar op gigantische schilderijen de
geschiedenis van Yucatan wordt afgebeeld.
We lopen weer terug naar de bus en zien dat het onzettend druk is op het plein.
Er lijkt vanavond live-muziek te zijn en we nemen ons voor vanavond even te gaan
kijken. In hotel Del Gobernador aangekomen krijgen we een lekker zoet en licht
alcoholisch drankje aangeboden. We constateren dat een duik in het zwembad er
vanavond niet in zit, want het zwembad is leeg.. Het is een net hotel en we
hebben een ruime kamer. Zodra de koffers er zijn douchen we ons even. Rond 19
uur gaan we met z’n vieren de stad in. We lopen eerst even bij een
internet-café binnen om via mail even het thuisfront te informeren. We hebben
een snelle verbinding en betalen voor een kwartier 2,5 pesos. Daarna lopen we
even rondom het zocolo. Het is hier gezellig druk en er staan wat
straatartiesten. We lopen ook nog even de kathedraal binnen om het bijzondere,
inmiddels vergulde, kruis te bekijken. Linksachterin staat het en het verhaal
gaat dat het hout al twee branden overleefd heeft.
We lopen naar het door Yolanda aanbevolen restaurant Pancho’s. Ze heeft niets
teveel gezegd! We bestellen driemaal spare-ribs en ik kies voor de Enchiladas.
Het smaakt erg goed en tijdens het eten bekijken we een paar keer het ritueel
van de Maya-koffie. Tijdens het eten stort ik echt compleet in en kan mijn ogen
zowat niet meer open houden. We rekenen gauw af en lopen terug naar het hotel.
Bij het buurhotel wordt vanavond een soort “mister-Mérida” verkiezing
gehouden en ze maken ongelofelijke herrie. Ik val echter als een blok in slaap..
Zondag 1 februari 2004 Mérida - Palenque
Op
zich heb ik best lekker geslapen, ondanks dat ik een paar keer wakker ben
geweest voor de wekker afging, maar ik voel met ontzettend brak als ik
uiteindelijk om 6: 30 uur opsta. Keelpijn, moe en slap. Na een hete douche voel
ik met iets beter.
We ontbijten in het hotel en nemen onze eerste malaria-pil. Het afrekenen van
het (simpele) ontbijt is erg bijzonder. Er is schijnbaar geen standaard prijs
voor een ontbijt, we betalen per gegeten broodje. Twee broodjes, fruit, sap en
koffie/thee is ongeveer 57 pesos. We betalen met groot geld (200 pesos, want we
hebben niet anders) en wachten vervolgens dik 10 minuten op het wisselgeld.
Precies op het afgesproken tijdstip (8 uur) komen we bij de bus.
Er staat ons een erg lange rit te wachten. We rijden van Mérida naar Palenque.
Om de rit nog een beetje te breken gaan we lunchen aan zee vlakbij de lagune.
Daar kunnen we ook zwemmen.
Onderweg vertelt Yolanda over het onderwijs in Mexico, politiek,
gezondheidszorg, tradities en drank. Helaas ga ik me steeds beroerder voelen en
weet van ellende niet meer hoe ik zitten moet, alles doet me pijn. Uiteindelijk
gooi ik mijn ontbijtje eruit. Het lucht enigzins op..
Tot overmaat van ramp is de buschauffeur verkeerd gereden en moeten we een uur
extra in de bus zitten. Tussen 14 en 16 uur lunchen we, althans iedereen behalve
ik en daarna nemen we even een duik in zee. Het water is minder warm dan
verwacht, maar het is lekker verfrissend en ontspannend. We vervolgen de reis
richting Palenque. Vrijwel het grootste deel van de middag slaap ik. Pas bij de
eerstvolgende stop word ik wakker gemaakt. Even een plaspauze en dan nog een
uurtje naar Palenque. Het is inmiddels donker geworden.
Rond 19:30 uur komen we aan bij hotel Maya Tulipanes. Het is weer netjes en leuk
ingericht. We eten met z’n vijven even wat in het hotel omdat we geen fut meer
hebben om nog naar het centrum te lopen. Mijn trek is helemaal terug en bestel
lekker een steak. Ondanks dat ik vandaag al veel heb geslapen, vallen mijn ogen
tijdens dit schrijven toch weer dicht.
Maandag 2 februari 2004 Palenque - Agua Azul - San Cristóbal de las Casas
Vanmorgen
rond 6:15 uur opgestaan om om 7 uur in het hotel te ontbijten. Voor 38 pesos een
continental breakfast, voor 52 een American. Om 8 uur stappen we weer in de bus
en vertrekken naar de opgravingen van Palenque. Bij het hotel stapt gids Victor
in (we waren hem bijna vergeten) en binnen 10 minuten zijn we er. We lopen met
de groep langs, in en op de verschillende tempels. In het vroege ochtenzonnetje,
alles nog vochtig van de nacht is het een ontzettend mooi plaatje.
Binnen zo’n
drie uur vertelt Victor alles wat hij weet over de geschiedenis van dit alles.
Niet alleen zijn theorien, maar ook die van anderen. Soms is hij wat moeilijk te
volgen, maar over het algemeen heeft hij een duidelijk en indrukwekkend verhaal.
Het hele complex maakt een onvergetelijke indruk. Hoe alles er zo bij ligt,
midden in de jungle. Zo ’s ochtends vroeg, met dit mooie licht, alles nog
vochtig. In de verte horen we brulapen tekeer gaan. Echt fantastisch! Als je
bedenkt dat er nog talloze ruïnes verscholen liggen in het oerwoud, kan het er
alleen nog mooier op worden.
Rond 11:15 uur vertrekken we naar Agua Azul. Dit is nog ongeveer anderhalf uur
rijden over bochtige bergweggetjes. Onderweg springen soms vanuit het niets
kinderen op de weg om hun spulletjes te verkopen. Je houdt je hart vast en het
reactievermogen van de chauffeur wordt aardig getest, maar over het algemeen
rijdt hij erg langzaam (soms tot vervelends aan toe).
Bij Agua Azul aangekomen, rond 12:45 uur, lopen we direct naar de waterval. Ik
besluit niet te gaan zwemmen, maar de waterval goed te bekijken en mooie
foto’s te maken. We hebben mazzel dat het niet geregend heeft, want nu is de
waterval inderdaad mooi blauw en niet bruin.
Ondanks alle toeristische
toestanden eromheen, ben ik onder de indruk van het geweld en de schoonheid van
de waterval. We lopen een eind naar boven en zien onderweg aardig wat kruisjes
staan. Hier zijn dus mensen verdronken; je mag alleen beneden tussen de touwen
zwemmen.
Boven bij een hoge mirador maken we wat mooie foto’s en lopen weer terug naar
beneden. Bij een meisje kopen we twee bekertjes met verse ananas. Heerlijk! Er
zijn beneden toch wat mensen uit de groep aan het zwemmen. We lopen verder naar
het restaurant. Van tevoren moesten we opgeven wat we wilden eten zodat ze alles
op tijd en tegelijk klaar konden hebben. Zo verliezen we niet onnodig tijd, want
we hebben nog een stukje te rijden vanmiddag. Jaco en ik hebben een lekkere kip
sandwich besteld en daarvoor krijgen we nog een lekker kopje soep en fruit toe.
Na de lunch vertrekken we richting San Cristóbal de las Casas. Het is nog
zo’n 4 uur rijden. Onderweg stoppen we nog even voor wat eten, drinken en
plassen. Bij het restaurantje zitten een aantal ongewone, gekooide dieren:
neusbeertjes, papagaaien en nog een beertje/aapje.
Rond 20 uur komen we aan in San Cristóbal. Yolanda en de chauffeur hebben nog
even een “meningsverschil”. De chauffeur zegt dat hij met z’n bus de
straat van het hotel niet in kan.. Uiteindelijk lukt het en komen we, met bus,
bij hotel Arrecife de Coral aan. In het hotel krijgen we een watermeloen
welkomstdrankje als we wachten op de toegangspas van de hotelkamer. Dit hotel
noemt zich een 4-sterren hotel. Het is netjes, maar die 4e ster
hebben we niet gevonden.
We douchen ons even en lopen dan naar het zocolo om een restaurant te zoeken. We
eten lekker in het restaurant (El Grill) van een hotel en lopen daarna nog even
langs de Farmacia. Met handen en voeten vraag ik om een middeltje tegen de
keelpijn die ik nog steeds heb. Het lukt en ik krijg frambozen zuigtabletten
mee. Nu maar hopen dat ze werken.
Dinsdag 3 februari 2004 San Cristóbal de las Casas, San Juan Chamula & Zinacantan
Hoewel
we vanmorgen pas om 10 uur bij de bus moesten verzamelen, zijn we toch
“lekker” vroeg opgestaan zodat we in het centrum even kunnen ontbijten. Dat
valt toch best tegen, want alles is nog dicht. Na een tijdje rondlopen vinden
we een “super mas” met voorin een bakkerijtje. We hebben daar, voor weinig,
de heerlijkste zoete broodjes gehaald en bij de supermarkt zelf nog sap en
yoghurtdrank (zuivel eet je hier veel te weinig). We eten dit onbijtje heerlijk
op het plein op, maar we hebben wel steeds heel veel “vrienden” bij ons.
Zwerfhonden en meisjes die je van alles willen verkopen. Na het ontbijt sturen
we nog even een mailtje naar Nederland, voordat we weer naar het hotel
teruglopen.
Om 10 uur rijden we met de bus naar San Juan Chamula; dit is een dorp met
traditionele Indianen. Bij het uitstappen uit de bus worden we belaagd door
kinderen die je van alles willen verkopen. Het is lastig, maar je leert echt we
nee zeggen tegen zulke leuke smoeltjes. We lopen naar de kerk waar we binnen
mogen kijken (géén foto’s!!). Wat hier gebeurt is moeilijk te beschrijven.
Het eerste dat opvalt als je binnenstapt, zijn de duizenden kaarsen die er
branden. Er liggen dennenaalden op de grond, aan de linkerkant staan allemaal
vitrinekasten met poppen in kleden gehuld, overal op de grond zitten mensen,
hele families, maar voornamelijk vrouwen en kinderen. Iedereen is op zijn eigen
manier bezig met het geloof, iedereen heeft zijn eigen ritueel. Midden op de
vloer worden de dennenaalden weggeveegd en plaatsen mensen tientallen kaarsjes.
De kaarsjes worden aangestoken en weer uitgemaakt, het kaarsvet wordt
weggeschraapt en dit zo een aantal keer achter elkaar. Jaco en ik blijven aan
het begin van de kerk staan, het voelt een beetje respectloos om tussen de
mensen door te gaan lopen, hoewel ze helemaal geen aandacht aan je schenken. De
enige die ons op lijkt te merken was een kip die in een plastic tasje (hoofd er
doorheen) lag te wachten op misschien wel een heel ander ritueel… We zien (en
horen) geen vrouwen die, zo is het verhaal, cola drinken om vervolgens met het
boeren de zonden uit het lijf te verwijderen.
We lopen nog even over de markt en kopen wat souveniers. Op het plein gaan we
nog even zitten en kijken heerlijk naar de mensen. Als de mannen met hun witte
of zwarte gewaden aan en hoeden op langslopen, dan zetten ze steeds even
gedurende een paar passen hun hoed af. Wat blijkt, we zitten in het verlengde
van de kerk, voor een paar kruizen (ook weer met dennetakken bekleed). Was
misschien niet zo’n handig uitgekozen plek van ons, maar gelukkig blijkt
niemand anders dat zo te voelen.
Na dit dorp rijden we een klein stukje verder naar Zinacantán. Bij een, iets
minder traditionele, Indianenfamilie mogen we even een kijkje nemen. Twee
ongehuwde reisgenoten, Dinie en Martin, worden voor de foto even in traditionele
bruidskleding gestoken en er kunnen natuurlijk allerlei geweven souveniers
gekocht worden.
We mogen in een ruimte verderop wat tortilla’s proeven, maar die sla ik over.
Wel gluur ik even naar binnen en schrik wel een beetje van het beeld. Het huis
van deze familie bestaat uit verschillende ruimtes, maar er zijn families die in
dezelfde kamer slapen als waar ze koken. Nou, dat is echt niet gezond hoor!!
Midden in de kamer is een houtvuur en je zit dus continu in de rook. Geen
schoorsteen of zoiets, het hele huis ziet zwart van binnen.
We keren terug naar San Cristóbal en hebben de rest van de middag vrij. Bij het
hotel aangekomen besluit ik toch maar doktersadvies te vragen voor mijn keel.
Het ziet er niet best uit en voelt niet goed. Hier kan ik niet de hele vakantie
mee blijven lopen en morgen hebben we een lange reisdag, dus wordt het ook
niets. Yolanda laat een dokter bellen die om 14 uur (al binnen 3 kwartier!!)
langs zal komen. We wachten op de hotelkamer en inderdaad, rond 14 uur is hij er
samen met Yolanda die komt tolken. Het is echt een dokter zoals ik me die hier
had voorgesteld! Hij gaat grondig te werk. Hij vraagt, luistert, meet, kijkt en
contateert een bacteriële infectie. Hij schrijft een tweetal medicijnen voor
die ik gewoon bij de Farmacia op de hoek kan halen en verder geeft hij nog wat
aanvullende tips. Kosten 500 pesos (is ongeveer 40 euro), maar dan heb je ook
wel “waar voor je geld”! Direct nadat de dokter is weggegaan, lopen we
richting centrum en halen bij de Farmacia de voorgeschreven medicijnen. De
pillen kosten samen 333,80 pesos en we lopen daarna meteen maar weer even naar
de bank om wat Traveller Cheques in de wisselen. De portomonee moet weer gevuld
worden na dit avontuur. Het is inmiddels al 15 uur en we hebben we trek
gekregen. Bij El Grill eten we even een hamburger en daarna lopen we even door
de stad. Overal komen we reisgenoten tegen en gaan nog even met Wilma op stap.
We bekijken 2 kerken (beide met houten vloeren en veel goud) en lopen over het
marktje. Het valt ons op dat je hier niet wordt lastiggevallen door kinderen en
vrouwen die je iets willen verkopen. Alleen in de 2e kerk loopt een
oude vrouw te bedelen. Jaco en ik zijn vanmorgen tot de conclusie gekomen dat
onze verwachting mbt de armoede niet klopte. Het is (in dit deel van het land)
veel erger dan we dachten.
We lopen weer verder en zien dan Karenza & Agatha in een internetcafé
zitten. Jaco wil nog even naar z’n werk mailen, dus gaan we ook nog even
zitten. Vijf pesos voor een half uurtje. We kopen bij de supermarkt nog wat
drinken en lopen dan terug naar het hotel om daar nog wat te relaxen..jpg)
Tegen 19 uur lopen we weer richting centrum om te eten. Het is is ontzettend
druk op straat en het stinkt naar uitlaatgassen van oude auto’s. We zijn met
z’n vijven en belanden uiteindelijk in het door Yolanda aanbevolen restaurant
“El
Fogón de Jovel”; hier schijn je Maya-eten te kunnen krijgen. Ze hebben een
uitgebreide kaart, maar een beetje onoverzichtelijk. We kunnen ook nog eens
slecht kiezen en als de ober voor de 3e keer terugkomt, kan hij pas
onze bestelling opnemen. Het is een gezellige avond en we zijn strontmelig. De
tranen biggelen over m’n wangen. De mannen die op de “valse” xylofoon
spelen zijn we al gauw zat, maar de zangeres die daarna optreedt bezorgt me
kippevel.
Agatha zit aan de cocktail met Posh (néé, geen Posch) en ik zit “aan de
pillen”, het feest is compleet. Tegen 22 uur gaan we terug naar het hotel.
Morgen weer vroeg op!
Woensdag 4 februari 2004 San Cristóbal de las Casas – Panajachel, Guatemala
Vanmorgen
ontbijten we van het buffet in het hotel. Het is nog een heel gedoe om de
koffers bij de bus te krijgen, want de chauffeurs vertikken het (weer) om met de
bus bij het hotel te komen. Een aantal hotelmedewerkers slopen daarom de banken
uit hun auto’s en rijden een paar keer afgeladen vol heen en weer naar de bus.
Wij lopen met de hele groep over de smalle stoepjes en drukke weg naar de bus
toe. Om 8 uur vertrekken we vanuit San Cristóbal de las Casas.
Het is nog zo’n drie uur rijden tot de grens met Guatemala. Ik verwacht
vandaag weer een lange reis met veel bochtwerk in de bergen en ben dus (bijna)
voorin de bus gaan zitten. Al gauw blijkt dat de weg richting zuiden erg recht
is en maar één echt minpunt heeft: heel veel drempels, maar daar raken we al
bijna aan gewend.
In de bus laat Yolanda ons een documentaire over de Zapatista’s zien. Het is
een indrukwekkend en triest verhaal. Nog steeds worden de indianen in
Zuid-Mexico (Chiapas) gediscrimineerd.
We maken één koffie- en plasstop en tegen 12 uur komen we aan bij de grens.
Yolanda heeft onze paspoorten al langs immigration gebracht en de stempels zijn
gezet. Bij de grens nemen we afscheid van de chauffeur(s), zij gaan niet mee
verder. Het envelopje met inhoud wordt overhandigd. Met de kofferd lopen we de
grens over naar de gereedstaande bus. We zetten de koffers neer en lopen met
paspoort naar het grenskantoor. Daar doen norse mannen hun werk. Terug bij de
bus houd ik onze koffers scherp in de gaten, want het lijk erop dat ze niet meer
in de bus passen… Dan gaat er onderin de bus nog een luik open (de overige
koffers staan achterin de bus) en kunnen ze toch meer. Zodra iedereen in de bus
zit, komen er twee geldwisselaars de bus in. We wisselen pesos voor quetzales;
het zijn vieze briefjes.
Zodra we de grens zijn gepasseerd lijkt het landschap anders. We gaan meteen de
hoogte in, het is hier droger en kaler en het valt op dat ze hier overal aan het
werk zijn aan de weg. Chauffeur Juan rijdt ons via een mooie route en hij weet
wat doorrijden is… We gaan soms flink de hoogte in, tot in de wolken en boven
de boomgrens. De slingerweggetjes en haarspeldbochten worden nu toch weer
werkelijheid, maar de drempels hebben we hier in ieder geval niet.
We lunchen in Huehuetenango en weer onderweg vertelt Yolanda over Guatemala, de
politiek, geschiedenis, indianen etc. ’s Middags stoppen we nog één keer bij
een benzinepomp, voor we aan de laatste etappe van vandaag beginnen.
Tussen 19 en 20 uur komen we aan bij hotel Posada de Don Rodrigo, aan het einde
van de toeristische hoofdstraat in Panajachel. Het is een leuk hotel aan het
meer van Atitlán. We hebben een erg mooie kamer
in koloniale stijl, mét open haard (zonder hout). Omdat het al laat is
besluiten we even in het hotel te gaan eten. Het schijnt dat het avondleven hier
in Guatemala al vroeg is afgelopen. Als we net zitten te eten, schuift de
familie Reuling gezellig aan. Het eten smaakt goed, ik heb een light meal met
gestoomde groenten, tonijn en verse kaas. Je moet hier erg dooreten, want de
bediening is erg snel en súper-klantvriendelijk. Soms staan er drie tegelijk
aan je tafeltje en je hebt bijna je dessert al op tafel staan als je nog de
laatste hap van je hoofdgerecht moet nemen.
Na het eten lopen we nog even rond het hotel en lig ik voor het eerst in mijn
leven in een hangmat. ’t Is even wennen, maar best leuk en lekker. We liggen
lekker op tijd in bed, van reizen word je moe!
Voor vanmorgen staat een
boottocht en een bezoek aan indianendorp Santiago Atitlán op het programma. We
staan weer bijtijd op en eten in het hotel. We hebben vanuit het restaurant een
fantastisch uitzicht op het meer en de daarachter gelegen drie vulkanen. Ik eet
pannekoekjes en vers fruit, Jaco neemt toast en fruit. Opnieuw valt het ons op
dat de prijzen hier echt een stuk lager zijn dan in Mexico.
Na het ontbijt zetten we de koffers alvast buiten, de handbagage laten we nog in
de kamer. We hebben de kamer nog tot 13 uur.
Om 8:30 uur lopen we met z’n allen naar de boot. Freddy en zijn vrouw (5
maanden zwanger) gaan met ons mee en vertellen nog e.e.a. over het meer, de
vulkanen en de indianen. Het is een mooie tocht over het meer en na ongeveer een
uur zijn we er.
Op de oevers staan een aantal lokale dames en kinderen ons alweer op te wachten
met manden vol souveniers. Ook staat er een klein vrouwtje met een bijzonder
hoofddeksel. Een tocoyal is een meterslange band die een klein stukje in het
haar zit verweven en rondom het hoofd wordt gewikkeld. We krijgen hier een
vliegensvlugge demonstratie van. Je mag tegen betaling een foto maken en ik
besluit er dan ook maar even naast te gaan staan. Wat een klein wijffie..jpg)
In twee auto’s, we staan als vee in de laadbak, worden we eerst naar het huis
gebracht waar de heilige Maximon dit jaar staat. Het is voor ons nuchtere
Hollanders één grote poppenkast, maar een beetje tegen mijn principes in
besluit ik toch tegen betaling van 10 quetzales even te kijken en een foto te
nemen. Maximon is een houten pop met hoed op en een heleboel sjaaltjes om de nek
geknoopt, en staat ieder jaar bij een ander gezin in huis. Het is voor ons
nuchtere Hollanders één grote poppenkast. Maximon heeft een sigaar in z’n
mond, een hoed op en allerlei sjaaltjes om zijn nek. Ernaast zitten twee mannen
op wacht om het geld van de fotograferende toeristen te incasseren. Tegen mijn
principes in, doe ik het toch ook. Na Maximon rijden we naar de kerk in het
dorp. Voorin de kerk zitten indianen bij elkaar en bidden en zingen. Tegenover
de kerk staan 2 scholen. De katholieke en de openbare. Het is zeker net
speelkwartier, want het is ontzettend druk met kinderen op het plein. De
jongetjes zijn met (slappe) voetballen aan het voetballen. We lopen een stukje
verder door het centrum. Ook hier kun je allerlei souvernirs kopen. Samen met
Wilma drinken we even wat bij een klein restaurantje. We betalen 15 Quetzal voor
3 cola. Dat is ongeveer €1,50… (in Nederland betaal je dat of zelfs meer per
stuk). Daarna lopen we weer langzaamaan richting de boot. Onderweg koop ik nog
een cadeautje (houten schildpadpuzzeltje) voor neefje Jorick en nog wat
ansichtkaarten voor het plakboek. Om 11 uur vertrekt de boot weer naar
Panajachel. Na een uurtje komen we daar aan en hebben we nog tot 13 uur voor de
bus weer vertrekt. We eten samen met Agatha en Karenza even in het dorp. We gaan zitten bij een
heel klein tentje en bestellen. Alles wordt vers bereid, maar uiteindelijk duurt
het wel zo lang dat we het eten snel naar binnen moeten werken om op tijd bij de
bus te komen. Het smaakt in ieder geval wél goed!
Om 13 uur vertrekt dus de bus. We rijden weer de berg op, maar bij het
uitkijkpunt heeft foto’s maken van de 3 vulkanen geen zin. Hoe helder
vanmorgen, nu zit alles in de mist. Het is hartstikke heiig geworden. Onderweg
bij Solola zien we een gekleurd Maya-kerkhof. We zrijden naar Chihicastenango
waar we de kerk en markt bekijken. De kerk is eenvoudig. In het middenpad liggen
offerstenen waar de indianen kaarsjes branden en rozenblaadjes “offeren”.
Buiten wordt veel wierook gebrand.
De markt is druk en krap. Als hier toch eens iets gebeurt… Bij een klein
restuarantje (goed zoeken, er is bijna niets) drinken we wat. Als Wilma een foto
van ons vieren maakt, beweert een oud vrouwtje die in de deuropening is gaan
staan, dat er een foto van haar is gemaakt en ze wil geld. Ze kijkt dreigend en
blijft ons net zolang opwachten tot we naar buiten gaan. We voelen ons
“bedreigd” en lachen er maar om.
In de bus krijgt Yolanda bloemen van Leo. Eén van de Belgische dames, die
aardig Spaans kent, heeft Yolanda tegen iemand horen zeggen dat ze vandaag jarig
is. Ze wil ons haar leeftijd niet vertellen…
Het is nog een paar uur rijden naar Antigua. Onderweg stoppen we één keer voor
een koffie-break. Yolanda trakteert.
In Antigua aangekomen rijden we nog even bij een Jade-fabriekje met winkel
langs. Er wordt in rap tempo verteld waar Jade wordt gevonden, hoe het eruit
ziet, de soorten en hoe het wordt bewerkt. Daarna kun je natuurlijk iets kopen..
Iets verderop zit ons hotel voor de komende twee nachten. Het hotel dat op onze
lijst stond was vol en we komen nu terecht in El Carmen aan de 3e
Avenida Norte. Misschien zijn we wel verwend geraakt, maar dit hotel is het niet
echt… Een kleine kamer met een klein bed, geen plaats voor de koffers, een
waardeloze douche met oude gordijntje, geen ventilatie, geen plek om je handoek
op te hangen, geen stoeltje om op te zitten of om je kleren op te hangen. Nee,
dit is het echt niet en voldoet waarschijnlijk ook niet aan de Fox-norm
“middenklasse” hotel. Maar goed, het is niet anders. We besluiten meteen
maar wat te gaan eten, dan kunnen we daarna even gaan douchen en relaxen
(slapen).
We eten bij het door Yolanda aanbevolen restaurant. Het eten is lekker, maar
niet bijzonder. Als Jaco en ik al klaar zijn, krijgt Wilma haar eten pas. Ze
waren haar vergeten. Daarna gaan we terug naar het hotel en slapen al vroeg.
Vrijdag 6 februari 2004 Antigua
Vandaag
is onze vrije dag en we kunnen uitslapen! Ondanks dat ben ik toch weer om 6 uur
wakker. Het lukt me om nog weer in slaap te vallen, maar rond 8 uur is het op.We
ontbijten aan het Parque Central. We nemen allebei
fruit en toast met jelly. Samen met de thee en koffie kost dat ons 82
quetzal. Een heel vorstelijk ontbijt voor 2 personen en het kost ongeveer 8,50
euro..jpg)
Na het ontbijt gaan we even terug naar het hotel voor een WC stop en we halen de
camera op. Met de plattegrond in de hand wandelen we door Antigua. We zoeken
eerst de poort die op het schilderij in onze hotelkamer staat. We vinden hem
snel en maken een foto van de poort met op de achtergrond de vulkaan. Niet echt
origineel, maar wel een mooi plaatje.
We lopen verder langs de Cathedral de la Merced. Mooie foto’s maken is op dit
moment lastig. Aan de ene kant staat politie en aan de andere kant is een
begrafenis bezig. Twee straten verder stappen we een internetcafe binnen (“de
snelste van de stad”, 512kb/s). Voor 3 kwartier betalen we 7,50 quetzal. We
mailen even naar Nederland en kijken even naar het laatste nieuws (voor de
wereldomroep zijn we steeds te laat).
We lopen verder richting de martkt en het busstation. Op de hoek van een straat
zien we de eerste brandweerauto.
We hadden Ian beloofd ernaar uit te kijken. De
foto lukt, de “bomberos” zwaaien vriendelijk naar ons en we lopen weer
verder. In een zijstraatje zien we toevallig in de verte “Bomberos
Volentarios” staan. We besluiten om even terug te lopen om te kijken of er nog
meer brandweerauto’s staan. We komen uit op een heel groot zanderig plein en
daar staat er inderdaad nog een, plus een ambulance. We maken hier nog wat leuke
foto’s en als de buit binnen is lopen we gauw weer terug. Het is een nogal
vage plek, met wat vage types..
Bij een zaakje met héél veel mooie taarten kopen we netjes een broodje voor de
lunch. De markt is niet zo bijzonder. Op het toeristische gedeelte is het wel
leuk, maar natuurlijk weer erg veel van hetzelfde. We maken nog even een foto
bij het busstation. Het is een erg leuk gezicht al die oude Amerikaanse, soms
opgepoetste, bussen op een rijtje.
We lopen weer verder en slaan maar willekeurig wat straatjes in. Bij de MC
Donalds houden we even een pitstop (is goed plassen daar) en drinken even wat.
We gaan daar op de binnenplaats zitten en kijken onze ogen uit. In ieder geval
omdat je niet verwacht dat MC Donalds zo’n leuk binnenplaats (mooi aangelegd
met fontein en uitzicht op de vulkaan) heeft, maar ook omdat het bejaardenhuis
is uitgelopen. Een twintigtal bejaarden, met en zonder gebit, zit lekker een
hamburger met patat te eten. Even later moeten ze met z’n allen op de foto,
maar een paar eigenwijze (of demente) dames
werkt niet mee en lopen steeds (niet zo snel) weg. Uiteindelijk lukt het en
worden de oudjes de bus weer ingehezen..jpg)
Via het Parque Central lopen we nog wat straatjes door. Rond 12:15 zijn er
ontzettend veel schoolmeisjes in uniform op straat, de school is zeker net uit.
We komen steeds weer kerken en ruïnes van kerken tegen. In het centrum van de
stad zitten wel zo’n 12 stuks! Als we zo’n beetje richting hotel gaan lopen
we langs een vrouwtje dat zit te weven. Bij haar kopen we 6 blauwe placemats en
we mogen haar even op de foto nemen. Bij een klein supermarktje halen we wat
drinken en eten voor morgenochtend. Het winkeltje is ontzettend klein en krap,
maar heeft wel wat we nodig heben. In het hotel droppen we even wat spullen en
nemen wat eten en drinken mee voor de lunch. We komen Wilma tegen en gaan met
z’n 3-en op pad. We bezoeken het nonnenklooster en lopen vandaar richting de
Cathedral San Francisco. Onderweg kopen Wilma en ik allebei een fluit bij een
jongen op straat. Twee voor 30 quetzal en we vragen hem om een demonstratie op
de door ons gekochte fluiten. We willen zeker weten dat ze het doen! Wij krijgen
er namelijk geen geluid uit… Bij een weef-mevrouw verderop koopt Wilma een
portmonee om maar even een foto te kunnen maken. Het vrouwtje spreekt pittig
Engels.
We bekijken de Cathedral San Francisco van binnen en lopen even over het marktje
ervoor. Weer bij het Parque Central aangekomen wijst Wilma ons een zaakje waar
je goede koffie kunt drinken. Zij gaat de andere kant op, wij raken in de
koffiezaak aan de praat met Ruud en Hennie Peterson. Die zitten al aan de koffie
en laten hun schoenen poetsen. Ze hebben vanmorgen een vulkaan beklommen en
laten even de video zien. Het ziet er mooi uit, maar ik heb geen spijt dat ik
niet mee ben gegaan. Behalve mijn vulkaan-angst, is Antigua zo’n leuke stad,
die had ik niet willen missen. Mooie koloniale gebouwen, in het hele centrum de
keienstraatjes, overal de binnenplaatsjes.
Het grote deel van de middag zitten we op het Parque Central lekker te eten,
drinken, lezen, schrijven en mensen te kijken. Op een bepaald moment begint er
zelfs een drumband te spelen, het plaatje is compleet. Voordat we teruggaan naar
het hotel, komen we weer veel mensen van de groep tegen en bezoeken we nog de
Cathedral Metropolitana. Met een ijsje in de hand lopen we terug naar het hotel.
Daar relaxen we nog een paar uurtjes voor het eten. Uitgerust voor de volgende,
zware dag.
Helaas wacht mij na het eten nog een onaangename verrassing. Als ik, na het
fluitconcert met Wilma (we krijgen er na een hoop gesputter één toon uit), in
mijn koffer iets zoek, kom ik een krioelende massa beestjes tegen. Getver!! Mijn
witte shirtje ziet zo ongeveer zwart. Het zijn een soort (jonge) miertjes en
hier en daar komen we ook wat larfjes tegen. We kloppen alle kleren goed uit en
spuiten e.e.a. in met de spuitbus van Hennie. De ergste kleding soppen we uit en
bergen alles weer op. Dat heb ik weer!?!? Ik ga toch een stuk minder lekker
slapen…
Zaterdag 7 februari 2004 Antigua - Copán, Honduras - Rio Dulce
We
hebben een lange dag voor de boeg. Om 5 uur gaat de wekker, we vertrekken
om 6 uur. Er is op dit tijdstip nog geen ontbijt beschikbaar, alleen koffie en
thee. De meesten hebben gisteren al wat broodjes gehaald.
We rijden het eerste stuk tot voorbij Guatemala-stad. Ik ben blij als we er
doorheen zijn. Het is er ontzettend druk, al rond 7 uur, en het stinkt er enorm.
Deze uitlaatgassen zijn echt niet gezond voor je longen.
De tweede stop, rond een uur of 10, is bij een hotel langs de weg en hier
ontbijten we. Karenza eet een hamburger met patat… We zouden graag een duik in
het zwembad nemen omdat de temperatuur alweer lekker gestegen is, maar helaas
moeten we verder.
Rond kwart voor één komen we aan bij de grens met Honduras. Dit is een echte
grens, zoals wij ze in Europa (bijna) niet meer kennen: drie, met de hand
bediende, slagbomen. Yolanda gaat met alle paspoorten en $5 pp. Naar de
immigratie en regelt dat we zonder gedoe (briefjes en stempels) de grens over
kunnen. Niet dus! Iemand anders wil de hele procedure door. Tja, dit levert ons
in ieder geval wel die stempel in het paspoort op. Daar gaat het natuurlijk ook
een beetje om…
Het is nog zo’n 10 kilometer rijden naar Copán, maar daar zijn we zo. Nadat
Yolanda de kaartjes heeft gehaald, wachten we nog even op de gids die uit zijn
bed is gebeld. Binnen 10 minuten is hij er en we lopen het terrein op. Bij de
ingang zit een tiental mooie, grote papagaaien (guacamayo’s). Niet geheel
vrijwillig, maar wel mooi om ze even van dichtbij te bekijken. Met de gids lopen
we het hele terrein over en bekijken in de hitte alle stèles, offerstenen,
piramides etc. Heel even hebben we een verfrissend buitje. Als het echt door
lijkt te regenen trekken we ons scharmante regencape aan en prompt stopt het met
regenen.
Deze opgravingen zijn toch weer anders dan wat we tot nu toe hebben gezien, maar
mooi. Ze kunnen wat mij betreft niet tippen aan Palenque, dat heeft meer indruk
op me gemaakt.
Na de bezichtiging lunchen we , het is inmiddels 15 uur geweest, op het terrein
van de opgraving. We kunnen hier gewoon met dollars of zelfs Guatemalteeks geld
betalen.
Weer terug naar Guatemala zijn we de grens zo over. Alleen de chauffeur Juan met
er even uit om te betalen. Het is nog een heel eind naar Rio Dulce en het eerste
stuk hebben we vanmorgen ook al gereden. We komen het zoveelste (ernstige)
ongeluk tegen en voor het eerst staan we er ook echt door in de file. We hebben
tot nu toe steeds mazzel gehad, ook bij wegwerkzaamheden, maar nu duurt het toch
al gauw een half uur. We stoppen onderweg nog één keer en arriveren na achten
in Rio Dulce. We bekijken de kamer en dat ziet er prima uit. Ruim en netjes.
Airco binnen en hangmat voor de deur. Ook de eerste electrische douche dit jaar.
We lopen even naar het restaurant om ons op te geven voor de excursie van morgen
en onderweg komen we het eerste beest tegen: een flinke tor. Zo’n plek is het
hier wel. Tropisch vochtig en warm en aan het water. Dat belooft wat… Ik houd
helemaal niet van beestjes. Dit is ook de eerste keer dat ik het gevoel heb dat
we in malaria gebied zitten.
In het restaurant eten we even met z’n vijven, maar hebben niet veel honger.
Toch smaakt mijn spagetti Bolognese erg goed. Als we teruggaan naar de kamer
komen we de eerste en hopelijk laatste vogelspin tegen. Getver!
In de kamer ga ik eerst met zaklantaarn op beestenjacht en hangen we de klamboe
op. Effe douchen en dan “rustig” naar bed… Onder de deur leg ik nog even
een handoek, voor als dat gezellige beest dacht dat hij binnen kon overnachten!
Zondag 8 februari 2004 Rio Dulce – Livingston - Flores
Ondanks
alle “beestachtige avonturen” van gisteravond heb ik heerlijk geslapen.
Onder de klamboe (goed ingestopt onder het matras) voel ik me schijnbaar veilig.
We hebben vannacht regen gehad. Onze wake-up call rond 7 uur is een man die op
de deur en op het raam klopt. We waren echter al daarvoor wakker geworden door
allerlei dierengeluiden van buiten. Het blijkt ook bij daglicht een leuk hotel
te zijn. We ontbijten in het restaurant van het hotel, er zijn ook weinig andere
mogelijkheden.
Voor vanmorgen staat een (optionele) boottocht op het programma. Bijna de hele
groep gaat mee. Om half negen liggen er twee bootjes voor ons klaar. Vanaf het
hotel varen we eerst in rap tempo langs een klein eilandjevlakbij het hotel. Het
barst hier van de reigers in allerlei soorten en maten. We varen er langzaam
omheen om vervolgens weer in volle vaart richting het oosten, richting de zee te
gaan. We varen langs mangrovebossen, langs (primitieve) huisjes en langs vissers
in houten kano’s. We zien diverse reigersoorten, watervogels, pelikanen en
leguanen.
Binnen anderhalf uur zijn we in Livingston. Een leuk klein Caribisch aandoend
dorpje (eiland), waar mensen van diverse afkomst (Indianen, Spanjaarden,
Engelsen en Nigerianen) vredig samenleven. We lopen even door de hoofdstraat en
drinken er wat aan het water, in een restaurantje van een Belg. Langs de
“dorpsstraat” ligt overal vis te drogen. Verder zijn er een tiental kleine
winkeltjes en is iedereen lekker buiten op straat. Er hangt een relaxte
Cahuita-achtige sfeer (Costa Rica). Na een uurtje vertrekken we weer en varen nu
op vol tempo terug naar het hotel. We hebben wind tegen en door de golven klapt
de boot continu hard op het water. Voor vrouwen onder ons is dit niet prettig.
Als ik dit had geweten, dan had ik mijn sport-BH aangetrokken…
Na een uurtje zijn we weer bij het hotel. Boot 1, met blijkbaar een pittiger
motor, is er al en de passagiers zitten al in het restaurant. Zij hebben
onderweg nog een doflijntje gespot (zeggen ze…).
We lunchen even en rond 14 uur stappen we weer in de bus. Het is nog zo’n 3
uur rijden naar Flores, waar we de komende 2 nachten zullen blijven. Onderweg
zien we veel voetballende Guatemalteken en zelfs een
dames(meisjes)voetbalwedstrijd. Ook hier is het schijnbaar een populaire sport
voor de zondag. Met één stop en nog een fruitcontrole (je mag bepaalde soorten
fruit niet meenemen op reis), komen we rond half zes aan in Flores. Het is een
net hotel en we hebben gelukkig weer een ruime kamer met wederom drie bedden.
Maar ja, je hebt altijd baas boven baas. Agatha en Karenza hebben een kamer zo
groot als een balzaal en met maar liefst vijf bedden!
We gooien even de tassen en koffers op de kamer en gaan dan even inkopen doen in
de supermarkt. We hebben ontbijt nodig voor morgen omdat we weer ontzettend
vroeg vertrekken. Na het shoppen sturen we vanuit het hotel even een mailtje
naar Nederland. Er is geen nieuws via de mail.
Met z’n vieren eten we even wat in een restaurantje verderop en gaan dan
bijtijds naar bed. Flores heeft sowieso niet zo’n bruisend nachtleven, maar op
zondag mag er na 20 uur ook geen alcohol meer geschonken worden.
Even douchen en nog wat kleren uitsoppen in de wasbak. Hopen dat het wil drogen,
want we hebben geen balkon om het op te hangen. De wereldomroep kunnen we weer
niet ontvangen, dus wekker zetten en slapen!
Maandag 9 februari 2004 Tikal & Flores
Dit
is wat opstaan betreft de zwaarste dag van de vakantie. We gaan naar Tikal en
daar kun je ivm de warmte en de drukte maar beter op tijd zijn. Het park gaat om
6 uur open en we hebben gisteren in de bus, na democratisch stemmen, besloten om
er dan ook echt te zijn.
Tegen kwart over vier wordt er op de deur gebonst. Dit is onze wake-up call. Er
is zo vroeg nog geen gelegenheid om te ontbijten, dus met een bak koffie en wat
zelf gekochte cakejes moeten we het doen. Helaas voor mij is er geen thee gezet,
nu kan ik die droge cake niet wegspoelen...
Om vijf uur vertrekt de bus en het is ongeveer een uur rijden. Als we om kwart
voor zes voor de slagboom van Tikal National Park staan, is het nog hartstikke
donker. Dat wordt leuk piramides kijken zo... Maar Tikal National Park is groot
en als we rond zes uur bij het museum/ingang van de opgravingen zijn, is het
licht. Dat is ontzettend snel gegaan. Helaas is het onderweg zachtjes gaan
regenen en moeten we de jas aan. Het is wel vies warm en vochtig. Aan het begin
van de wandeling is al gauw duidelijk dat, door de regen van gisteren, het een
natte vieze bende wordt om door te lopen. Ondanks dat is het een mooie route. We
klauteren, klimmen en glibberen door het regenwoud en horen en zien om ons heen
allerlei dieren, voornamelijk vogels. We spotten hoog in de boom twee aapjes en
we worden een stuk achtervolgd door een neusbeertje (teveel gevoerd door de
toeristen). Tja, en dan de Mayaruïnes. Héél indrukwekkend om zo middenn in de
jungle ineens een hoge tempel tegen te komen. De allerhoogste slaan we over,
omdat er eigenlijk maar één persoon is die hem wil beklimmen (ik vind het zelf
nogal link omdat het nu zo glad is). De op één na hoogste, Tempel nr.5 van 57
meter hoog, bekijken we wél van dichtbij. Ongeveer 10 man (inclusief ikzelf) van
onze groep beklimmen hem via de steile houten trap aan de zijkant. Het valt niet
mee en is sta te hijgen als een molenpaard als ik boven ben. Het is het absoluut
waard! We staan boven de boomtoppen en hebben een prachtig uitzicht. Het is
jammer dat het niet zo helder is, maar aan de andere kant heeft het ook wel wat,
die nevel in de boomtoppen. Als we boven staan begint het zachtjes te regenen.
Da’s niet zo mooi want nu wordt de houten trap misschien wel glibberig. Het
valt uiteindelijk mee en de afdaling is goed te doen (en een stuk minder
vermoeiend). Beneden trillen mijn benen nog even na als ik nog één keer naar
boven kijk. Niet om de hoogte, maar meer omdat het zo’n steile trap was.
Vanaf Tempel nr.5 lopen we weer terug naar het begin van het park. Rond een uur
of negen zijn we weer bij het restaurant waar Yolanda op ons wacht. We ontbijten
hier en rijden daarna terug naar Flores.
De rest van de dag hebben we vrij, maar het is jammer dat dat in deze plaats is.
Er is hier erg weinig te doen. Eerst halen we even wat slaap in en lezen/relaxen
wat op de kamer. Daarna lopen we even wat door het dorp. We willen nog wat
Traveller Cheques inwisselen, maar worden van hotel naar hotel gestuurd. Pas bij
de derde lukt het. We krijgen 770 Quetzal voor 100 dollar.
We lunchen bij de pizzeria en daarna relaxen we weer wat op de hotelkamer. Het
is jammer dat we geen balkon hebben, de kamer grenst aan het terras van het
hotel en we hebben (houten) tralies voor het raam. Nu kunnen we niet lekker even
privé buiten zitten.
Als de muren weer op ons afkomen, besluiten we even naar het water te lopen. We
zitten aan een prachtig meer, maar het wordt sterk afgeraden om erin te zwemmen.
Ook het zwembad van het hotel trekt niet echt. Op de steiger zitten Agatha en
Karenza en we gaan er even bij zitten. Lekker in de hete zon visjes kijken. Dan
“vluchten” A&K een bootje in voor een rondvaart. We zitten nog een
tijdje aan het water en kunnen lekker vliegtuigjes kijken. Na een paar
Cessna’s en een Twin-Otter, komen er zelfs een paar straalmotorvliegtuigen
voorbij. Het vliegveld verderop is toch groter dan we dachten!
Even later gaan we dan toch maar wat drinken op het terras van het hotel en
nemen de dobbelstenen mee. Na twee potjes Yahtzee (1-1) komen Martin en Dinie
erbij zitten. Al snel komen er nog meer reisgenoten bij zitten en genieten we
met z’n allen van de prachtige zonsondergang.
Na het douchen eten we met Agatha en Karenza bij “La Luna”. Ik had visfilet
en afgezien van een paar graten smaakte het erg goed. Bij een winkeltje verderop
hebben Jaco en ik ons toetje gehaald: een Magnum! Jaco heeft nog even een
t-shirt gekocht en daarna zijn we lekker gaan slapen. Het was een lange dag.
Dinsdag 10 februari 2004 Flores, Guatamala - Belize - Chetumal, Mexico
Vandaag
verlaten we Guatemala. Via Belize gaan we weer naar Mexico terug.
We staan om kwart over zes op en vlak daarna krijgen we pas de “morning
bons-op-de-deur”. We eten even een continental breakfast (wat verlang ik naar
een echte bruine boterham met kaas..) bij het restaurant aan de overkant. Dit is
het eerste restaurant waar géén thee te krijgen is.. Het staat keurig op de
kaart, maar er is geen theezakje te bekennen. De ober kan het niet verklaren..
Om acht uur vertrekken we richting de grens en het is nog ongeveer twee uur
rijden. Het laatste stuk gaat over onverharde weg. Doordat het de laatste dagen
zo nu en dan geregend heeft, is de weg er niet beter op geworden. Twee keer
voelen we de bus een stukje wegschuiven, maar Juan houdt hem goed op de weg. Als
we op de smalle, gladde weg een vrachtwagen moeten passeren (die de andere kant
op rijdt), houd ik m’n adem even in. Het wordt glijden of kantelen… of toch
niet… Gelukkig gaat het goed.
Om tien over tien zijn we bij de benzinepomp, nog vlak voor de grens. We plassen
en drinken wat en als we weer in de bus zitten komen er twee geldwisselaars in
de bus. Onze laatste 450 Quetzales wissel ik in voor 112 Belize dollars. Als
iedereen heeft gewisseld, rijdt de bus naar de grens een paar honderd meter
verder.
Met de handbagage stappen we uit en lopen naar Immigratie. We krijgen een
stempel en lopen daarna naar de Belize douane. In de bus hebben we al een lijst
met onze gegevens ingevuld, dus hier gaat het ook snel. We krijgen weer een
stempel en lopen Belize in. Hier moeten we nog even wachten op Juan met de bus.
We rijden tot een uur of twee en eten dan wat bij “Cheers”, ergens in the
middle of nowhere. Het restaurant zit vol met vier busladingen Amerikanen, maar
we hebben gauw allemaal een plekje. De bediening is verrassend snel en het eten
is nog lekker ook! Handig dat je hier lekker Engels kunt praten.
We rijden verder en stoppen rond vier uur nog even bij een benzinepomp voor een
plaspauze. Het is hier bijzonder plassen. Achter één deur zitten twee WC’s
en een urinoir. Om de wachttijden te beperken gaan we dus maar met twee
tegelijk. Je moet wat..
Na een uurtje rijden zijn we bij de grens Belize-Mexico. Belize zijn we zo uit.
We betalen $15 (of 30 Belize dollars) per persoon. Stempel in paspoort en klaar
is Kees. Buiten staan weer geldwisselaars om onze Belize dollars weer te
wisselen voor Mexicaanse Pesos. Yolanda houdt goed in de gaten dat we niet
(helemaal) opgelicht worden. Tuurlijk krijg je hier minder dan bij de bank, maar
dat is niet anders. Dit is wel erg makkelijk. Thuis heb je er niets meer aan.
Na een stukje door niemandsland komen we aan bij de Mexicaanse grens. We moeten
alle handbagage meenemen uit de bus en vervolgens langs de immigratie. We hebben
volgens Yolanda mazzel en hoeven alleen maar een stempeltje te halen. In het
ergste geval hadden we allemaal nog weer een papiertje (dubbele entrada) in
moeten vullen en dat kost een hoop tijd.
Na de stempels moeten alle koffers uit de bus en alle “jonge en sterke
mannen” helpen Juan even. We moeten lopend met de koffer de grens over. We
hoeven dit keer niet op de knop bij het stoplicht te drukken, dus we zijn zo het
land binnen. Nu is het weer wachten op Juan met de bus. Zodra hij er is kunnen
de koffers er weer in en kunnen we verder. Een paar kilometer na de grens moeten
we langs een station waar de buitenkant van de bus moet worden ontsmet. Ze
hebben alleen niet zoveel zin, want we kunnen gewoon doorrijden. We zitten dan
al in Chetumal, maar moeten nog zo’n twintig minuten rijden naar het hotel.
Hotel Marlon is een redelijk knap en modern hotel. We hebben een kamer aan de
voorkant van het hotel. Na het douchen gaan we met z’n tweetjes eten en komen
terecht bij Sergio’s Pizzeria/Grill. Ik eet een medium pizza met kip en
champignons. Na de helft zit ik al bomvol, want er zit zóveel kaas op. Jaco
helpt me nog een stukje, maar ik moet toch klieken.
In het hotel kijken we nog even voetbal: Mexico-USA. Als we gaan slapen staat
het al 3-0 voor Mexico…
Woensdag 11 februari 2004 Chetumal - Playa del Carmen
De wekker gaat
voorlopig even voor het laatst op kwart over zes. We zijn voor ons doen gauw
klaar en staan om tien voor zeven al bij het restaurant voor een ontbijtje. Ze
gaan pas om zeven uur open, maar we mogen alvast gaan zitten. Het licht gaat aan
en de gordijnen open. Wies en Ben schuiven
aan en we ontbijten lekker. Ik bestel een continental ontbijt met ananas en het
smaakt OK.
Om acht uur stappen we weer de bus in. Het is nog zo’n vier uur rijden.
Onderweg maken we één koffiestop. Als we daarna weer verder rijden overhandigt
Belg Leo aan Yolanda een envelop met ingezameld geld. Hij houdt er een
proffesionele speech bij, dat heeft hij duidelijk vaker gedaan. Hij waagt zich
zelfs aan een paar woordjes Spaans. Wat hij zegt is wel waar. Wat ons bij zal
blijven van deze reis is onder andere de strijd die geleverd wordt tegen de
discriminatie van de indianen. Yolanda heeft ons goed begeled en geinformeerd.
En dat meestal met een stralende lach!
Rond half één komen we aan in Playa del Carmen. We zetten eerst Hennie &
Ruud en Dinie & Martin af bij het “dure” hotel. Het ziet er erg mooi uit
en ze zitten direct aan het strand. Ze zwaaien ons uit en wij rijden door naar
het standaard-hotel. Hacienda del Caribe ligt in het centrum en op 2 minuten
lopen van het strand. Het is echt een onwijs leuk hotel en we hebben een mooie
kamer met een (naar onze standaard) king-size bed van zeker 2 meter breed. Het
hotel is echt in Mexicaanse stijl gebouwd, het zwembadje is er meer voor de sier
zo klein. Voor vijf dollar huur ik het slot voor de kluis. Da’s wel zo veilig,
dan hoef je niets mee te nemen naar het strand.
We lopen even het centrum in voor de lunch en daarna kijken we even rond in de
drukke straat. Er zijn ontelbare souvenirwinkels en restaurants.
In het hotel verkleden we ons even en gaan lekker even naar het strand. Het is
niet zo heet meer, want het is inmiddels drie uur geweest en er zit een waasje
voor de zon. Precies goed zo! Agatha en Karenza komen net de zee uitlopen en
hebben gesnorkeld. Ze hebben een grote barracuda gezien. We mogen de snorkels en
flippers lenen en gaan ook op zoek. Net als ik het een beetje heb opgegeven, we
hebben dan alleen 3 kleine visjes gezien, zien hem. Een Manta van een meter
doorsnee. We proberen hem nog een klein stukje te volgen, maar hij is te snel.
Echt fantastisch om te zien! Ik heb toch wat zout water binnengekregen en de
bril past ook niet helemaal, dus gaan we weer naar het strand. Even relaxen in
het zonnetje met een boekje erbij. Dit hebben we wel verdiend!
Na een uurtje of twee gaan we weer terug naar het hotel en douchen het zoute
water van ons af. Tot een uur of zeven relaxen we en kijken een beetje TV. Wilma
klopt op de deur en wil even de souvenir-shop-afspraak bevestigen. En ze vraagt
of ik even haar kamer wil zien om ons de ogen uit te steken J.
Ze “woont” boven ons en heeft een (bruids) suite. Twee gigantische bedden,
een sofa, een koelkast, een gigantisch balkon en rolluiken tegen zon en geluid.
Wat een ruimte, deze kamer is nog groter dan onze woonkamer thuis!
Met z’n drietjes gaan we wat eten. Karenza en Agatha gaan niet mee en liggen
nog te relaxen aan het zwembad. Het restaurant waar we belanden is op zich best
leuk en heeft een uitgebreide kaart, maar onze maaltijd wordt een beetje verpest
door luidruchtige en dronken Amerikanen. Het eten smaakt wel OK. De live-muziek
is het niet helemaal, maar ach het idee was aardig.
Na het eten gaan we souvenirshoppen. Ik zoek nog een houten Maya-kalender en die
ben ik hier al tegengekomen. Ik vind een leuke, geen echte kalender, maar met de
sterrenbeelden, maar schrik me rot van de prijs op het stickertje. Ze vragen
1250 pesos, ongeveer 125 dollar! In geen 125 jaar natuurlijk! De verkoopster
begint met onderhandelen en zegt dat dit de prijs is voor Amerikanen, maar voor
Hollanders is het de helft. Jaja klinkt leuk, maar ik heb het idee dat we niet
op een voor mij bevredigende prijs uit gaan komen, dus wil al weglopen. Dan
vraagt ze me wat ik het waard vind. Nou, eh 150 pesos of zo. Het is een leuk
dingetje en ik was al even op zoek, maar het is niet eens van dat mooie donkere
en zware hout. Uiteindelijk betaal ik 200 pesos, maar heb ik nog het gevoel dat
ik ben afgezet. Ik heb zo’n hekel aan dat afdingen!! Bij het afrekenen vraagt
ze nog 2 dollar voor “haar coca-cola”. Hou toch op! Ik loop weg, ik kan hier
erg slecht tegen.
We kopen nog een stuk verder door het centrum en zien nog veel meer winkeltjes
en restaurants, maar kopen niets meer. Aan het eind van de straat eten Wilma en
ik een Haagen Dazs ijsje. Ik heb dat altijd al eens willen doen en nu komt het
er dan van! Drie bolletjes kosten 69 pesos, we rekenen om: zo’n 6 euro! Wat
een geld, maar het moet wel lekker zijn. Ik bestel en als ik moet betalen ben ik
zo in de war dat ik 20 pesos geef in plaats van 100. ’t Zijn ook nogal
bedragen voor een ijsje.. Het bekertje koffie van Jaco is 24 pesos. Wilma neemt
ook drie bolletjes en maakt bij het afrekenen dezelfde fout. Zij geeft ook 20
pesos omdat ze 20 Euro in haar hoofd heeft. Voor de tweede keer zie je de
verkoper denken. Stomme (Hollandse) toeristen. Ik pies bijna in m’n broek van
het lachen.
We eten het ijs op het terras op en het smaakt erg goed! Dit was het geld zeker
waard! We lopen terug naar het hotel en liggen tond half elf in bed. Het is een
latertje vanavond…
Donderdag 12 februari 2004 Playa del Carmen & Puerto Aventuras
Om
tien voor zeven wordt we wakker door een jamer en beitel, tikkend in het beton
onder onze kamer. Niets uitslapen op onze vrije dag! We zitten dus vroeg aan het
ontbijtbuffet in het hotel.
Na het ontbijt lopen we de winkelstraat in. Bij de bank wisselen we onze laatste
dollars om voor pesos. We kopen nog
twee t-shirts en als we richting het haventje (voor de boot naar Cozumel) lopen
om even te kijken, zien we één grote mensenmassa op ons afkomen. Een lading
Amerikanen vanaf het cruiseschip is aan wal gekomen en komt Playa del Carmen
onveilig maken. We maken rechtsomkeert om de meute maar voor te blijven.
In het hotel relaxen we nog wat tot 11 uur. We hebben afgesproken, tenminste dat
heeft Yolanda voor ons gedaan, dat we om 11 uur voor 200 pesos met z’n vieren
naar Puerto Aventuras worden gebracht. In eerste instantie lijkt het erop dat er
niets geregeld is of dat ze het vergeten zijn, maar uiteindelijk brengt de
hotelmanager ons in rap tempo, in een gloednieuwe Jeep, naar Puerto Aventuras.
In 20 minuten zijn we er en zijn dus dik een uur te vroeg. We lopen een rondje
langs alle bassins met dolfijnen en drinken even wat op een terrasje en hebben
uitzicht op een groep die bezig is met hun dolfijnenprogramma. Nu heb ik er nog
meer zin in!
Om half één melden we ons en krijgen we een roze bandje om de pols, daarna
verkleden we ons. Om één uur ga ik samen met Karenza als eerste aan het
programma meedoen. Agatha en Jaco zullen foto’s van ons maken. We worden
meegenomen naar het eiland in het midden van de bassins, waar we eerste een
filmpje over dolfijnen en de oefeningen krijgen te zien. In een kooi naast het
film”lokaal” zitten toekans en ara’s.
Na de film lopen we iets verder en krijgen we allemaal een zwemvest aan. In een
groepjes van acht (Amerikanen, Fransen en wij Nederlanders) worden we naar het
vierkante bassins bij de haven gebracht. Na een korte uitleg, de vrouwtjes
dolfijnen heten Venus en Athena, mogen we het water in. We staan op een rooster
in het water in een rijtje. De dolfijnen komen een aantal keer langszwemmen om
te begroeten en zodat we ze kunnen voelen en aaien. Ze voelen aan als glad (nat)
rubber, net zoals zo’n grote zwarte autoband in het zwembad..jpg)
Ka mag als eerste een van de dolfijnen kussen. Daarna zwemt hij het bad in en
ben ik aan de beurt. Als ik daarop het bad in zwem, wordt Ka inmiddels
voortgetrokken door een dolfijn. Als ik in het midden van het bassin lig, ben ik
aan de beurt. Rechterarm vooruit en hand vertikaal gestrekt. De dolfijn komt op
haar rug aanzwemmen met haar vin precies in mijn hand. Ik pak de ander vin ook
en wordt door de dolfijn voortgetrokken. Het is heel bijzonder als de het beest
onder je voelt bewegen. Vlak voor de steiger laast ik los en zwemt ze weg. Weer
een visje verdiend!
Als iedereen is geweest, krijgen we een duikbril en snorkel en moeten in het bad
een cirkel vormen. De dolfijnen komen steeds langszwemmen en we kunnen ze onder
water bekijken en voelen. We laten de dolfijnen “zingen” door met de vingers
te knijpen, ze spetteren terug als wij spetteren met onze handen en ze
“dansen” als wij rondjes draaien met één arm omhoog. We gaan weer naar de
kant en de dolfijnen komen weer een paar keer langszwemmen. Dan zegt de
instructeur dat het programma klaar is en de dolfijnen maken nog en paar hoge
sprongen. Als Ka en ik al op de trap staan, roept één van de Amerikanen dat we
onder andere de “footpush” nog niet hebben gedaan. Tuurlijk was dat mij ook
wel opgevallen, maar ik dacht nog dat ze wel verschillende programma’s zouden
hebben. Hoewel is wel teleurgesteld was, hield ik m’n mond erover.. De
instructeur en videoman overleggen met elkaar en komen, na het zien van ons
polsbandje en het horen van het bedrag dat we hebben betaald, tot de conclusie
dat ze een fout hebben gemaakt. We mogen het bad weer in, maar er is een klein
probleempje. De vis is bijna op en de fotograaf is al weg.
We doen om de beurt de footpush en worden aan de rugvinnen van beide dolfijnen
voortgetrokken. Beide hele bijzondere ervaringen. Bij de footpush lig je op de
buik in het water, armen vooruit en voeten geflexd. Heel voorzichtig duwen de
dolfijnen dan ieder hun neus tegen je voet en duwen je voort. Het is dan
afwachten hoe hoog je uit het water kunt komen. Voor mijn gevoel was het zeker
tot m’n navel.
Na deze oefeningen is het echt over en nemen we voor de tweede keer afscheid.
Als we het water uit zijn worden we meegenomen naar het video-lokaal om de
opnamen te bekijken. Agatha en Jaco zijn al een tijdje geleden weggegaan omdat
zij om twee uur zouden beginnen met het programma. Ka loopt niet mee naar het
video-lokaal om naar de opnamen te kijken, maar gaat terug naar het eiland om de
foto-camera’s over te nemen. Het gaat allemaal net goed, we kruizen elkaar
net.
Ik kijk de video niet helemaal af, maar besluit hem wel te kopen. Ik loop ook
terug naar het eiland en zie nog net Jaco en Agatha weggaan. Ka is alweer “aan
wal” en heeft alle camera’s mee. Ik doe even gauw een shirt aan, want anders
ga ik ècht verbranden (je mag geen zonnebrandcrème op ivm de gezondheid van de
dolfijnen) en ren dan naar Ka. Het is achteraf een te strakke planning, maar het
komt zo toch nog goed. Ik heb alleen niet het zoute water van me af kunnen
douchen.
Samen met Ka maak ik foto’s van onze echtgenoten, die wel in één keer het
juiste programma krijgen. Als ook zij klaar zijn lopen we naar de winkel om de
video en foto’s te kopen. Ze zijn nogal duur, maar wel een erg leuk aandenken.
En we zijn hier tenslotte maar één keer! Het is inmiddels na drie uur en we
hebben ontzettende honger. Omdat het al zo laat is besluiten we een grote
maaltijd te nemen, dan is het ook alvast maar het diner. We eten met uitzicht op
de dolfijnen en kunnen zo nog even nagenieten. Het is hier een erg commercieel
gebeuren, maar zeker wel de moeite waard!
Na het eten is het eigenlijk al te laat om hier nog even in de mooie zee te
zemmen en we besluiten een taxi terug te nemen naar Playa del Carmen.
Yolanda
had ons verteld dat het wel zo’n 300 pesos zou kosten, maar voor 120 pesos
kunnen we allevier mee! Voordat de chauffeur, die geen woord Engels spreekt, de
motor start haalt hij een houten plankje met afbeelding van de heilige maagd
Maria tevoorschijn. Ze krijgt een plaatsje tussen de zonnekleppen, boven de
rozenkrans die aan de achteruitkijkspiegel hangt. Dit belooft een goede rit te
worden..
Binnen twintig minuten zijn we weer bij het hotel en geven de chauffeur 140
pesos. Ik ben blij als ik onder de douche sta en eindelijk het zoute water van
me af kan spoelen. Helaas ben ik toch wat verbrand en smeer me even lekker in
met verkoelende aftersun.
Na wat relaxen lopen we nog even door het centrum. Na lang wikken en wegen kopen
we toch nog de souvenirs die we hadden gezien: een spiegel met bewerkte blikken
rand en Mexicaanse tegeltjes en 20 stuks losse Mexicaanse tegeltjes. Hiermee
kunnen we thuis nog iets leuks doen. Alles wordt goed ingepakt, want het moet
wel heel in Nederland aankomen. De spiegel is een lastig stuk handbagage, maar
we zien wel hoe we het meekrijgen…
We drinken nog even wat en gaan dan weer terug naar het hotel. We slapen gauw,
het was al met al toch een vermoeiende dag.
Vrijdag
13 februari 2004 Playa
del Carmen - Cancún - Schiphol
Zaterdag 14 februari 2004
.jpg)