Naar de oost 



1e etappe: Het buurtbos
Lunteren - Wolfheze, vrijdag 20 november 2009, 25 km

We kiezen Lunteren als startpunt van een nieuw wandelavontuur. De Veluwe is altijd mooi en lekker dichtbij. Daarna trekken we richting Oost-Nederland. Waar we uitkomen weten we nog niet precies. Het wandelboekje over het Veluwe Zwerfpad beschrijft veel wandelingen die bij een treinstation beginnen en eindigen. En is het praktisch om van station naar station te lopen. Wat is makkelijker dan de trein om na afloop van een lekker lange wandeling weer terug te keren naar de auto? 

Ieder plekje in Nederland heeft haar eigen verhaal. In Lunteren worden we al snel geconfronteerd met het verhaal van notaris J. H. Th. W. van den Ham die de Lunterse gemeenschap door een heideveld te laten beplanten een "buurtbos" heeft gegeven. Een bos waar iedereen uit de buurt mocht komen! De dankbare burgers hebben hem een heuse boom met bank gegeven en voor zichzelf heeft hij een uitkijktoren op een heuveltop gebouwd. Zo’n 100 jaar later genieten we er nog van. De route kronkelt erlangs en verder naar het Wekeromse Zand. De route is vrij goed gemarkeerd en we denken dat foutlopen haast uitgesloten is. Toch doen we dat. Lunteren ligt in een lus van het Veluwe Zwerfpad en kennelijk zijn we op het verkeerde spoor terechtgekomen. Ook mooi, maar het scheelt wel kilometers. In ons nadeel, vinden we. Het boekje brengt ons op het rechte pad. Ook letterlijk. Rechtdoor over de heidevelden van Planken Wambuis. Schotse Hooglanders, een kudde paarden en grafheuvels vergezellen ons. Een groot deel van de dag kunnen we zonder jas lopen. Zo zacht is het. En dat op 20 november. De Veluwe is erg mooi, maar wat ons betreft zouden er iets meer cafeetjes onderweg mogen zijn. Nu lopen we min of meer non-stop door en af en toe een pauze zou wel erg lekker zijn. Vlak voor Wolfheze gaan we door een tunneltje onder de A12 door. We vragen ons af of dit het tunneltje is waar de ontvoerder van de broer van Albert Heijn zijn losgeld heeft gekregen. Het zou zomaar kunnen, maar het blijft voor ons gissen. Vermoeid bereiken we het station van Wolfheze, waar gelukkig het door ons langverwachte cafeetje direct naast het station ligt. Goed geregeld. 


2e etappe: Winterwandeling door bossen vol historie
 Wolfheze- Arnhem, vrijdag 29 januari 2010, 18 km

Ondanks de wat mindere weersverwachtingen trekken we eropuit om ons pad te vervolgen. Soms kloppen de weersverwachtingen. Zo ook vandaag. Het miezert eigenlijk de hele dag. Afgewisseld met lichte sneeuwbuien. Ondanks het weer is het lekker om buiten in de bossen te zijn. Okee, overal liggen nog sneeuwhopen en ijsresten waardoor het soms verraderlijk lopen is en je af en toe dwars door het bos in plaats van over het pad je weg moet banen. Het buiten zijn is fijn vanwege de heerlijk frisse lucht en de werkelijk prachtige route, vol historie,  die we vandaag volgen. Al snel na Wolfheze stuiten we op een gangetje onder de spoorlijn, waar volgens het begeleidende informatiebordje tijdens de Tweede Wereldoorlog de geallieerden met kanonnen zijn getrokken om hun collega’s die per parachute gedropt waren te helpen. Dat dat niet goed uitgepakt heeft, zien we met eigen ogen enkele kilometers verderop waar de Airborne oorlogsbegraafplaats ligt. Rijen en rijen graven. Al eerder loopt de route bij Wolfheze langs een heel ander soort graven: grafheuvels uit de prehistorie. Heel duidelijk herkenbaar in het landschap. We zijn al vaker grafheuvels in Nederland tegengekomen en eigenlijk verbazen we ons er over dat je op school alleen over de hunebedden in Drenthe leert en niets over al die andere grafheuvels. Bij Wolfheze stuiten we ook op Wodanseiken. Mooie grillig gevormde bomen, maar anders dan de naam doet vermoeden slechts zo’n 450 jaar oud. Beroemde schilders schijnen ze geschilderd te hebben, al is hun naam me ontschoten. Na Oosterbeek slingert de route langs kasteeltjes en door parkbossen met bekende namen. Mede door het reliëf is de route erg afwisselend en ziet het er allemaal prachtig uit. Een van de kasteeltjes is het hoofdkwartier van het Gelders Landschap. We zien er mensen aan het werk. Een compleet andere werkomgeving dan de onze. Door het landgoed Sonsbeek, dat omstreeks 1900 als eerste van Nederland de bestemming stadspark kreeg, bereiken we het centrum van Arnhem. Bijzonder hoor om direct vanuit de bossen een stadscentrum in te wandelen. In Arnhem is voldoende gelegenheid om een consumptie te nuttigen. We maken dankbaar gebruik van deze voorziening.                                


3e etappe: Kennismaking met het Maarten van Rossumpad

Arnhem - Dieren, vrijdag 23 juli 2010, 23 km

Deze etappe hoort tot de top drie van de mooiste wandeletappes door de Benelux! Mooi, afwisselend, veel natuur, maar ook cultuur en een vleug historie. Zodra je het station van Arnhem aan de noordzijde uitkomt begint het al: Sonsbeek. Bijzonder dat zulke mooie natuur tot in het hart van een grote stad komt en dat dit gebied nooit ten prooi aan projectontwikkelaars gevallen is. Daarom kunnen we nu door een prachtig parkbos richting Rozendaal lopen. Voor vandaag maken we een combinatie van het Veluwe Zwerfpad (dat we vanaf Lunteren volgen) en het Maarten van Rossumpad. Het Veluwe Zwerfpad kronkelt teveel naar onze zin en we hebben niet de indruk dat de route er mooier of bijzonderder door wordt. Eerder het tegendeel. Het lijkt erop dat het Zwerfpad zoveel mogelijk bomen wil meepakken, terwijl het Maarten van Rossumpad langs een aantal hoogtepunten loopt. Na Sonsbeek brengt het Maarten van Rossumpad ons in de Geitenkamp, een bijzondere wijk waar we nog nooit van gehoord hebben en waar Wikipedia het volgende over zegt:

“Geitenkamp is gebouwd op de stuwwallen van Arnhem die zijn ontstaan in de laatste ijstijd. De Geitenkamp is een bijzondere wijk, omdat deze behoort tot de zeldzame voorbeelden van pittoreske stedenbouw in Nederland en is opgezet als tuindorp. Mede door deze opzet, de hoogteverschillen en bouwwijze van huizen en poortjes is Geitenkamp onderscheidend.”
Dat weten we dan ook weer. Na de Geitenkamp lopen we door naar Rozendaal. De kleinste nog zelfstandige gemeente op het vasteland van Nederland. Zou het grote aantal welvarende inwoners hiermee te maken hebben? Rozendaal is echt een plaatje: Kasteel met park, Swiebertje-stadhuis en kinderen in schooluniformpjes. Na Rozendaal de bossen en de heidevelden in. Het gebied waar de Posbank in ligt is on-Nederlands mooi. Op Zuid-Limburg na vind je hier de steilste op hoogste heuvels van Nederland. Hoewel de bewoonde wereld dichtbij is zien de bossen, heidevelden en heuvels er groots en oneindig uit. Na de Posbank volgen de Onzalige Bossen en vinden we het Koningpad dat ons in een lange rechte lijn rechtstreeks naar Dieren brengt. Rechtstreeks? Dat is betrekkelijk. Onderweg drinken we wat in de Carolinahoeve, waar Wim Kan en zijn Corrie Vonk 26 jaar vaste gasten waren. Nog steeds is de Carolinahoeve alleen te voet, per fiets of te paard bereikbaar.

4e etappe: Ploegen door de sneeuw
•  Dieren - Brummen, vrijdag 10 december 2010, 20 km

Tot onze schrik bemerkten we dat we dit jaar pas twee etappes van ons wandelpad hebben gelopen. Hoog tijd om weer een etappe te gaan lopen! Het wordt vandaag een combinatie van het Veluwe Zwerfpad en het Trekvogelpad. Het eerste stuk, het Veluwe Zwerfpad, loopt door eindeloze besneeuwde bossen. Er ligt veel meer sneeuw dan bij ons thuis. Dat betekent 10 kilometer lang ploegen door de sneeuw. Je moet je voeten veel hoger optillen dan je gewend bent en dat betekend spierpijn aan het end. Het is heel erg mooi en - niet verwonderlijk – we komen 10 kilometer lang niemand tegen in deze verstilde wereld. Halverwege veranderen we van richting en lopen we naar Eerbeek. Het dorpje is een voormalig industriestadje en dat zie je nog goed. Gelukkig is er een gelegenheid om een warme kop chocolademelk te nemen. Daarna vervolgen we onze route en komen we in een afwisselend mooi gebied rond het plaatsje Hall. Nooit van gehoord. Wel leuk. In het hele gebied is er een wirwar van wandelpaden, streekpaden en LAW-paden, met allemaal een eigen markering. Een boekje en/of de GPS is daardoor onontbeerlijk. De bossen zijn hier minder dicht en worden afgewisseld met open velden. Er ligt hier minder sneeuw. We lopen daardoor gemakkelijker. Station Brummen is het eindpunt. De trein brengt ons in 5 minuten terug naar Dieren.

5e etappe: Bronkhorst en Bronckhorst
•  Brummen- Vorden, vrijdag 4 maart 2011, 18 km

Een mooie dag; goed weer om te wandelen. Zoals gebruikelijk zetten we de auto bij een station neer - makkelijk voor de terugweg – en gaan we van start. Vrijwel direct lopen we de IJsselvallei in. Aan het prikkeldraad hangt veel gras. We veronderstellen dat het water de afgelopen winter zo hoog is gekomen en het gras hier achtergelaten heeft. Dat is nu nauwelijks voor te stellen. Een andere verklaring kunnen we niet bedenken. Een pontje brengt ons in éen van de kleinste stadjes van Nederland: Bronkhorst. Het ziet er een beetje als een openlucht museum uit, waar ook de details, zoals wegwijzers en brievenbussen, van jaren geleden dateren. We begrijpen van de mensen die we hier tegenkomen dat we boffen. ’s Zomers is het hier erg druk en kun je over de hoofden lopen. Nu is het er prachtig! De rest van de dag blijven we wandelen in Bronckhorst. De gemeentes worden steeds groter en Bronckhorst is hierop geen uitzondering. Alleen maf dat de gemeentenaam een extra “c” kent. Dat is vast bedacht omdat dit chiquer staat. De wandeling van vandaag is erg afwisselend. We lopen langs een beek, komen herenhuizen en kastelen tegen, een waterradmolen, een enorm grote katholieke kerk in een klein dorp (de Willibrorduskerk, naast het Ludgerusgebouw in Wichmond), bossen en velden. Wij vinden het coulissenlandschap een van aantrekkelijke punten van dit gebied. Hierdoor zijn er altijd weer opnieuw mooie doorkijkjes. Een ander aantrekkelijk punt is dat de dorpen niet van die eindeloze kleurloze nieuwbouwwijken kennen die overal in Nederland te vinden zijn. Een voordeel van de Achterhoek. Leve de bevolkingskrimp zou je haast zeggen. De etappe van vandaag eindigt in Vorden. Tien jaar geleden zijn we hier met het Pieterpad doorheen gekomen. Het kasteel is geen gemeentehuis meer, maar is nu particulier bezit. En er staat een nieuw Pieterpadmonument. Als we het goed begrijpen zijn de voetstappen van  Toos Goorhuis en Bertje Jens in beton gegoten. Toos en Bertje hebben velen geïnspireerd te gaan wandelen. en dat is een monument waard. Voor ons zit de etappe er op. De wandeling wordt zeker vervolgd. Geïnspireerd door Toos en Bertje?   

 6e etappe: Op een mooie warme zomerdag in april  
•  Vorden - Borculo, vrijdag 22 april 2011, 25 km

Op deze mooie warme zomerdag in april (ruim boven de 25° C) wandelen we weer in de Achterhoek. Je ziet de blaadjes aan de bomen gewoon groeien. Zo snel gaat de natuur. Dat prille frisse groen van de bomen is erg mooi en het bladerdek is nog niet zo dicht dat je niet door de bomen heen kunt kijken. Het landschap in de Achterhoek is zeer fraai. Kleinschalig, afwisselend bossen en weilanden en veel onverharde wegen. Die onverharde wegen zijn behoorlijk recht, maar toch vervelen ze niet omdat het landschap zo afwisselend is. En met de zon ziet alles er natuurlijk helemaal fantastisch uit. Wel was het vandaag even zoeken naar het juiste pad. Om een aantal redenen was het puzzelen. We vonden de mogelijke eindpunten van de etappe voor vandaag of te dichtbij (Ruurlo op zo’n 13 kilometer van Vorden), of te ver weg (Eibergen op 32 kilometer). Het alternatief Borculo (op zo’n 25 kilometer) stond niet op de kaart en was allen te vinden toen we er een grotere kaart bij pakten. Andere puzzel was het vinden van het juiste pad. We hebben een wat ouder wandelboekje met daarin het Gelrepad en een GPS met de nieuwste variant (het Trekvogelpad). De markeringen in het veld zijn vandaag niet altijd even duidelijk. We zijn een paar keer fout gelopen. Oude markeringen worden kennelijk niet verwijderd.  Hierdoor hebben we soms op het oude pad en soms op het nieuwe pad gelopen. Bij Vorden kruisten we bovendien het Pieterpad. Dus geen gebrek aan witrode markeringen. Het maakt natuurlijk allemaal niet zoveel uit. We zijn de hele dag lekker buiten in een mooie omgeving met fantastisch weer. Halverwege in Ruurlo pakken we – nadat we het kasteel van Ruurlo op een afstandje bewonderd hebben - wat fris op een terrasje, dat bijna helemaal vol zit. Alleen in de volle zon is er nog plek. Maf hoor om in april de volle zon proberen te vermijden. Na Ruurlo door naar Borculo. Weer een aardig stadje, waar we nog nooit waren geweest, met leuke terrasjes. Een biertje gaat er nu wel in. Wat zijn er toch veel mooie plekken in Nederland.