Donderdag 6 oktober  jungle-tour dag 1

We worden inderdaad, zoals afgesproken, om 7.30 uur opgehaald. Niet dat we dan al weg kunnen. De Italianen hebben zich verslapen. Enfin. Met een ‘speedboat’ (35 km/u) varen we naar de samenloop van Rio Negro en Rio Salmoes. En dit keer kunnen we het niet alleen zien, maar ook voelen. Er is inderdaad een temperatuursverschil (ca. 3 °C) en de Rio Negro is veel donkerder (minder modder). Ook de snelheden verschillen, maar dat is niet te zien. Dan varen we door naar het eindpunt van de weg die helemaal naar Porto Velho loopt. Maar alleen de eerste 100 km is geasfalteerd. Daarom wordt hij niet gebruikt (en in het regenseizoen is hij zelfs onbegaanbaar).

Een busje brengt ons 50 km verder en vandaar gaan we weer met een snelle boot, circa 45 minuten. Het stikt hier van de ijsvogels, in alle maten, maar vooral groot. En reigers, rallen en wat roofvogels. Dolfijnen zwemmen om ons heen als we het meer bereiken. De lodge is ruim. Er zouden wel 50 hangmatten kunnen hangen. Wij zijn met zijn zessen de enigen. Nathalie en Xavier (Frans) en Maria en Roberto (Italiaans).

Na de lunch gaan we op excursie. Met een lokaal bootje (lang, smal, buitenboordmotor met lange as) een heel eind terug. In het bos worden we geleid naar een enorme buttress-boom. Dit hele bos staat in het natte seizoen onder 6-8 meter water. Er is daarom weinig onkruid. In het regenseizoen kun je hier de slangen uit de bomen plukken.

In de kreek zien we diverse kaaimannen, allemaal redelijk klein. Ze laten zich niet benaderen.

We varen dan naar een plek waar het goed piranha vissen is. Ieder krijgt een primitieve hengel een stukje vlees aan de haak. Even wachten en ophalen zodra je een ruk voelt. De eerste is binnen enkele minuten boven. Iedereen vangt er wel een paar, maar de vriendin van onze gids spant de kroon. Zij gooit ze ook niet terug en gaat met wel 15 vissen huiswaarts. Wat verder op het water wachten we op dolfijnen. Ze komen niet echt om de boot heen. Als enige ga ik te water om te zwemmen. De anderen hebben nog schrik van de piranha’s en de kaaimannen. Maar de dolfijnen komen ook niet naar mij toe. Ik schrik me een rotje als ik opeens onder water door iets groots wordt aangeraakt. Het is de stuurman die schalks onder water naar me toe is gezwommen!

’s Avonds gaan we nog een het meer op. Stikdonker – de maan is al onder. De gids zal een alligator vangen met zijn blote handen. Dat doet hij inderdaad. Met een zaklamp lokaliseert hij ze. De ogen weerschijnen rood. Dan naderen we heel voorzichtig en als hij snel genoeg is kan hij er een pakken. Dat lukt hem twee keer. De eerste is klein maar de tweede is toch bijna een meter lang.

Weer terug   verder