Zondag 4 september Sao
Paulo – La Paz
|
|
De ochtend is hangen geblazen want we vliegen pas om 14.00 u en San Paulo hebben we wel gezien. We proberen dus zo lang mogelijk door te slapen maar omdat we om 8 uur naar bed gingen lukt dat maar matig. Op het vleigveld komen de puzzleboekjes van pas. We zitten door het vroege inchecken mooi voorin maar er is weinig te zien. De vlucht is naar Santa Cruz. Daar moeten we door de douane en dan naar een binnenlandse vlucht. Alles loopt op rolletjes en binnen drie kwartier zijn we weer in de lucht. Een uur naar La Paz. De Andes laat lang op zich wachten. Pas vlak voor La Paz vliegen we opeens tussen
sneeuwtoppen. Maar veel sneeuw is er niet. De landingsbaan is ontzettend lang en vliegtuigen kunnen alleen met hoge snelheid landen en stijgen vanwege de ijle lucht. Het is 4050 m hoog. We vinden een busje en moeten er even aan wennen dat het maar 30 eurocent kost (4 B$). De stad is groot en we zien nog net de uitgestrektheid voor de zon ondergaat. De bebouwing is tot op de Alti Plano, maar toch vooral in het dal dat van het platform afzakt. Emile voelt zijn vingers tintelen. Dat is van de Diamox, tegen hoogteziekte (van Christine’s recept). Ik merk niets totdat ik later op de avond de was uitwring. Een heel merkwaardig tintelend gevoel krijg je dan.
|
|
We vinden een budget hostel uit de Lonely Planet (Hostel Sucre) midden in het centrum. Met warme douche. We eten voor 5 B$ p.p. in een net restaurant. In dit land zullen we niet snel arm worden. ’s Avonds lopen we de hoofdstraat af tot die overgaat in een markt. Mensen zijn vriendelijke en dringen niet aan of zich op. Weinig bedelaars. (4000 m te hoog voor honden?) Wel bomen op deze hoogte. ’s Avonds hebben we allebei een loopneus. Ze hebben over Diamox alleen de belangrijke bijverschijnselen beschreven: bijziendheid, tintelingen en tijdelijke impotentie. Die loopneuzen zijn de moeite niet.