Ufo-cultussen of -sektes zijn ruwweg in drie categorieën in te delen.
De eerste categorie
bestaat uit groepen rond 'goeroes' die er hun boterham mee verdienen. Deze groepen
koesteren geen zelfmoord-ideeën. In hun eclectische leerstellingen staan apocalyptische
verwachtingen niet centraal, ofschoon deze wel een rol spelen. Het in stand houden van
het zaken doen en het verdienen van geld aan de leerstellingen van de goeroe staan voorop.
Voorbeelden zijn Adamski en de vijftiger jaren contactees. Tegenwoordig kennen we nog de Semjase Commune van de
Zwitser Billy Meier, de Unarius-movement en de Raelliaanse beweging van de Fransman
Claude Vorrilhon. Zulke groepen zoeken vaak de publiciteit op.
Critici van deze groepen beweren dan ook regelmatig dat het deze groepen puur om geldelijk gewin te doen is.
Dergelijke groepen worden vaak ook nog eens dankbaar gebruikt door ufo-sceptici die ermee
willen aantonen dat ufologie in hun ogen een belachelijke zaak is. Serieuze ufo-onderzoekers mijden deze groepen als de pest, omdat hun sensationele en onmogelijk te verifiëren
beweringen afbreuk doen aan het respectabele imago waar de ufologie al jaren voor vecht.
De tweede categorie echter opereert veel meer in het verborgene, in de schaduw van de
samenleving. Per toeval komt men op de hoogte van het bestaan van zulke sektes. Vaak
zijn dergelijke sektes de laatste, verkruimelende restanten die zijn geevolueerd uit een
ouder, occult genootschap.
Zulke sektes zijn geen lang leven meer beschoren, het
handjevol leden is aan vergrijzing onderhevig, er is geen aanwas van nieuwe leden. Deze
groepjes zijn nostalgische herinneringen aan een nu voorbije eeuw. Net als oude foto's
vervagen deze kringen om uiteindelijk in de uitgestrekte geschiedenis te verdwijnen. Een
voorbeeld is de groep van de 19e eeuwse Hiram Butler.
De derde categorie, vaak van relatief jonge oprichtingsdatum, opereert eveneens uit het zicht van de media en zoekt deze ook niet op. Ook hier stuit men per toeval op, vaak na een noodlottige gebeurtenis zoals de massa-zelfmoorden van de sekte van de Zonnetempel en Heaven's Gate. Soms, zoals in het geval van Heaven's Gate (The Two, Bo & Peep, etc.), begint de sekte zijn bestaan als een der eerste categorie, om later a.h.w. 'onder te duiken'.
In Nederland is een handjevol volgelingen van de eerste categorie te vinden; Dordrecht kent de 'Plejaren studie-groep', leden van de Alkmaarse stichting -overigens geen sekte- 'zij zagen ze vliegen' vertonen bij hun lezingen de spectaculaire, maar vervalste, videobeelden van Billy Meier en ik ben een paar keer leden van de Raelliaanse beweging tegen het lijf gelopen. Overigens, geldt voor de Plejaren-studiegroep dat de grondhouding van de leden oprecht is, en de leden ervan -ongeacht wat we vinden van hun leerstellingen- zelf niet uit zijn op geldelijk gewin.
Ongetwijfeld zullen er in Nederland leden van een sekte van de tweede categorie zijn, hoewel ik denk dat het aantal uiterst minimaal is.
Ik heb in Nederland geen suicidale sektes van de derde categorie kunnen ontdekken, en ik betwijfel bovendien of ze hier te lande bestaan. Ook Marcel Hulspas in diens in 1997 verschenen ufo-boekje, een amusante collage van anekdotes en sociologische observaties, maakt geen melding van Nederlandse ufo-cultussen van de tweede en derde categorie. De huiveringwekkende vraag, of er niet toch ergens in Nederland in het geniep een kleine ufo-cultus van de derde categorie bestaat, blijft derhalve onbeantwoord.
Als we een ufo-cultus verder zouden classificeren als een georganiseerde groep met een eigen geloofsbelijdenis waarin contact met niet-menselijke entiteiten en mysterieuze vliegende objecten het centrale dogma is, zouden we zonder veel moeite zelfs het christendom daaronder kunnen rekenen. Vernauwen we echter gemakshalve onze criteria, dan belanden we onwillekeurig in de grote stroom van de 19e eeuwse occulte bewegingen.
Veelvuldig wordt daar bericht over het contact met andermenselijke entiteiten, engelen, demonen, mahatmas, alwetende leermeesters en geheimzinnige Rozenkruisers. We moeten echter goed in de gaten houden dat nergens in de leerstellingen van deze bewegingen de buitenaardse hypothese als zodanig wordt aangedragen. Wel is er wel eens sprake van andere vlakten van bestaan en soms zelfs andere planeten als plaatsen van herkomst van deze mysterieuze wezens.
Ufo-cultussen zijn dus veel ouder dan algemeen wordt aangenomen. Er wordt nog wel eens foutief gedacht dat het ufo-fenomeen in 1947 begon en dus van betrekkelijk recente datum is. Dit is niet zo. Het ufo-fenomeen is er altijd al geweest, zij het niet onder die noemer. Tenslotte maakt de Fransman Montfaucon de Villars in zijn in de 17e eeuw verschenen Comte de Gabalis al melding van "luchtschepen" en hun inzittenden, de "elementalen" die van het mythische Magonia afkomstig zouden zijn. Deze anekdote werd later door ufo-onderzoeker Jacques Vallee aan de vergetelheid ontrukt.
Maar Vallee werd voorafgegaan door een obscuur Engels esoterisch genootschap The
Brothers. Onder hun auspiciën verscheen in 1913 een geannoteerde vertaling van het werk
van De Villars. In het commentaar wezen The Brothers er op, dat (pags. 29, 191, 193-194,
298-300) een in 1912 opgemerkt vreemd "lichtverschijnsel" (in moderne terminologie een
ufo) wel eens een "recente tijding van de elementalen" zou kunnen zijn.
In het jaar dat de
vertaling van Villar's boek verscheen, 1913, hield coincidenteel een ufo-golf Engeland,
Frankrijk, Duitsland en zelfs Nederland in hun ban.
John Ballou Newbrough schreef in zijn Oasphe, tegenwoordig ook in het Nederlands te
verkrijgen, over "etherische schepen", bemand door "engelen". Dan was er nog de Duitser
Zechner, die aan het begin van de 19e eeuw zijn merkwaardige Zend-Avesta neerpende.
Een uittreksel ervan, getiteld De anatomie van Engelen, verscheen in de jaren '20 in
Nederland. Erin lezen we dat Engelen volgens Zechner, "bolvormig zijn", omdat dat de
vorm is die "in het heelal het meest perfect is". In de tijd dat Zechner, net als Newbrough,
zijn boek in trance neerpende, werd het Zwitserse Tirol geteisterd door "de extatische
maagden". Deze vrouwen beweerden dat "lichtende verschijningen" van Jezus aan hun
verschenen waren.
Nederland kende de schrijver J.K. Rensburg. Hij schreef in 1923 over het bestaan van "stoffelijke wezens, hoger ontwikkeld dan wijzelf, op andere zonnen" met wie we in telepatische verbinding zouden staan. Zulke schrijvers hadden hun elk hun handjevol volgelingen en bewonderaars, maar hun leerstellingen leidden niet tot zulke trieste incidenten als de groeps-zelfmoorden van Heaven's Gate en De sekte van de Zonnetempel.
Voor het eerste geval van een collectieve zelfmoord of in ieder geval een mysterieuze
dood bij een ufo-sekte moeten we teruggaan naar de roerige jaren zestig in Brazilië.
Op 17
augustus 1966 vonden daar de twee electronica-experts Miguel José Viana en Manuel Pereira da Cruz bovenop de heuvel Morro do Vintém bij het plaatsje Niteroi, in de buurt
van Rio de Janeiro, de dood.
Twee maanden ervoor, op 13 juni, had een geweldige explosie plaatsgevonden op het
strand van Atafona. De explosie had gebouwen op een afstand van 15 kilometer door
elkaar geschud. Beweerd werd dat er geheimzinnige experimenten werden uitgevoerd op
het strand, en een tijd ervoor, in een tuin in Campos waar een ongewoon apparaat was
getest. Onduidelijk is wat het "geheimzinnige experiment" op het strand precies inhield,
maar ooggetuigen verklaarden een "bal van vuur" te hebben gezien. Plaatselijke vissers
beweerden zelfs dat ze een vliegende schotel in zee hadden zien storten.
Onder degenen
die aanwezig waren, zowel in de tuin als op het strand, waren Viana en Da Cruz. Twee
maanden later werden ze op de heuvel dood aangetroffen. Ze waren gestoken in keurige,
nieuwe pakken en nieuwe regenjassen. Naast elk van de mannen lag een "vreemde loden
masker" op de grond. Ook werden notities gevonden met eenvoudige electrische formules
en andere informatie zoals:
"zondag, één capsule na de lunch, woensdag, één capsule rond bed-tijd" en "wees op de aangewezen plaats om 16.30 uur. Neem capsules in om 18.30 uur. Nadat de effecten bespeurbaar worden, bescherm de helft van het gezicht met loden maskers. Wacht op het afgesproken teken".
Het handschrift bleek na onderzoek niet van één van de dode mannen afkomstig te zijn.
Links naar bekende ufo-sektes:

UNARIUS, UNiversal ARticulate Interdimensional Understanding of Science
Artikel over UNARIUS in ZONTAR Magazine
Heaven's Gate is niet meer, de site nog wel
Billy Meier, de eenarmige ufo-bandiet
Billy Meier en FIGU Zwitserland; meertalig
Sheldon Nidle en Planetary Activation Organization