GITAAR BUIZENVERSTERKER
TIPS en TRUCKS:
TERUG NAAR HET HOOFDMENU

laatste update:12-07-2000


TIPS? TRUCKS? eh?

 
HEADROOM, WAT?
Als je diverse "experts" spreekt over gitaar versterkers, dan komt vaak het gegeven "HEADROOM" ter sprake.
Als je ze daarna vraagt wat dat dan precies is krijg je veel verschillende uitleg te horen. Sommige gaan je uitleggen dat HEADROOM, hoofdruimte betekend en dat dat de vrije vertalings is, dat klopt, maar daarmee is HEADROOM nog niet verklaard. "Kan ik dan een versterker kopen met lekker veel headroom?" Het antwoord hierop is simpel; nee. Je moet het geluk hebben dat je een versterker koopt met veel headroom. Echter meerdere versterkers uit een serie van een fabriekant hebben wel allemaal ongeveer dezelfde headroom hoeveelheid.
HEADROOM is best moeilijk onder woorden te brengen, omdat smaak en gehoorgedrag van de individuele mens ook nog eens meespeeld, maar goed, HEADROOM is een "maateenheid" voor het voldoende reserves hebben van vermogen bij grotere geluidsvolumen van een versterker.
En het lijkt erop dat buizenversterkers t.o.v. transistorversterkers bij gelijk vermogen, toch meer headroom hebben, maar dit komt weer doordat, buizenversterkers een soort akoestische truuck hebben bij uitsturingen op groot maximaal vermogen.
Uitleg HEADROOM; als je flink op je slaggitaar aan spelen bent op een groot volume (dus op bijna maximum vermogen, en je houd ineens op met spelen, om vervolgens een vol accoord flink aan te slaan, dan kan het zijn dat dat accoord slechter of minder hard uit je speakers komt. In dat geval heb je een versterker met een kleine headroom! merk je echter geen verschil dan heeft je versterker voldoende headroom. Klinkt dit accoord juist iets harder dan heb je voldoende headroom maar een te kleine voedingstrafo, en dit heeft dan dus niets te maken met de headroom van je versterker, hoewel de headroom toch wel (onder andere) bepaald wordt door de voedingstrafo en de daarbij behorende afvlakcondensatoren en gelijkricht onderdelen.

BACK

 
Kan ik nou het best met diodes of met een buis de voedingsspanning gelijkrichten?
Kort antwoord:
diodes:

  • hogere spanning dan bij buis gelijkrichting
  • spanning is direct beschikbaar en "knalt" als het ware op de schakeling, condensatoren krijgen daardoor een klap, pas dus een 10Watts weerstand toe van 10 tot 20 Ohm.
  • gelijkgerichte spanning is onder alle omstandigheden het zelfde
  • vaak dikke diodes nodig
  • vraagt iets meer ruimte in de bedradingskant van de versterker


  • buis:
  • lagere spanning
  • spanning gaat mooi "mee" met de werking van de schakeling
  • spanning komt mooi zachtjes op, door het op gang komen van emmiteren van de buis
  • minder ruimte nodig aan de bedradingskant van de versterker
  • buizen gaan minder lang mee dan diodes....
  • BACK

     
    BEHUIZINGS OPBOUW
    De opbouw en of indeling van de buizenversterker is al van invloed op de geluidskwaliteit!
    Standaard opbouw moet zijn, dat de ingang (lage spannings signalen) gescheiden of ververwijderd moet  zijn van de hoge spannings delen (trafo en uitgangstrafo ed.).

    BACK

     
    Condensatoren waarden geen geheim meer!
    Condensatoren:
    1pF = 0,001nF = 0,000001µF
    10pF = 0,01nF = 0,00001µF
    100pF = 0,1nF = 0,0001µF
    1000pF = 1nF = 0,001µF
    10nF = 0,01µF
    100nF = 0,1µF
    1000nF = 1µF

    aanduidingen:
    aanduidingen zonder "n" of "µ" zijn per definitie pF.

    Dus: staat ergens 10 op of 47 of 250 dan is dit resp. 10pF en 47pF en 250pF.
    Echter:

    101 = 10x10¹ = 100pF      682 = 68x10² = 6800pF = 6,8nF
    102 = 10x10² = 1000pF = 1nF
    103 = 10x10³ = 10000pF = 10nF
    104 = 10x104 = 100nF
    105 = 10x105 = 1000nF = 1µF
    106 = 10x106 = 10000nF = 10µF

    Verder:
    33n = 33nF = 33000pF      1µ = 1µF = 1000nF 47p = 47pF
    3n3 = 3,3nF = 3300pF       1µ1 = 1,1µF = 1100nF 4p7 = 4,7pF
    n33 = 0,33nF = 330pF        µ1 = 0,1µF = 100nF p47 = 0,47pF

    BACK

    INPUT BUSSEN
    Normaal is het zo dat alle gitaarversterkers van de bekende merken 1 of meerdere ingangen hebben.
    Deze noemen we een JACK input en wel 6,3 mm doorsnede.
    Bij bouw van een nieuwe- of herstellen van oude bestaande versterkers is het verstandig om een stereo input te nemen!
    (zie schema:) stinput.jpg
    Dit is beter, omdat de mono ingangen, op de langere duur in de bus zelf , minder klem kracht hebben en dit veroorzaakt een hoop gekraak en gepiep. Met de stereo ingang krijgen we massa druk van de klem die tegen de massa schacht van de jack-steker aandrukt. Dit voorkomt dat de ingang een krakerig geluid geeft.

       BACK

    OUTPUT BUSSEN
    Voor de gebruikelijke uitgangen naar de luidsprekers toe is de zelfde chasis-connector te gebruiken als bij de ingangen. Dus ook de stereo connector. Om de zelfde reden.
    Echter  gitaarversterkers kunnen ook met XLR-connectoren zijn uitgerust of combinaties hiervan.

     BACK

    VOEDINGSTRAFO'S
    Zie de SITE van AMPLIMO BV.
    Maar ook de site van FNS-tubetechnologie. Deze mensen kunnen veel soorten trafos leveren van diverse merken versterkers
    maar ook van vroegere gitaarversterkers.
     
      BACK


    UITGANGSTRAFO'S

    Als je een balansuitgang trafo op Ohmse weerstand  gaat doormeten kan het zijn dat de weerstand in de ene helft groter is dan de andere helft aan primaire zijde. Veel mensen weten niet dat dit komt door het wikkelen van de trafo. Bij het wikkelen kan men trafo's wikkelen op een enkele spoel of op een dubbele spoel. Bij een enkele spoel wordt er begonnen met het wikkelen van de eerste helft en daar gewoon bovenop de tweede helft van de wikkeling.

     Het gevolg is dat de eerste spoel een kortere lengte koperdraad heeft dan de tweede! En dus is de weerstand van de tweede helft groter.

    Bij de dubbelspoels uitgangstrafo's is het zo dat de bijde wikkelingen geheel onafhankelijk naast elkaar liggen, op twee spoelen maar met 1 blikpakket.


    Zie de site van KLARE Klare Audio
    Zie de site van AMPLIMO BV.
    Maar ook de site van FNS-tubetechnologie.

           BACK

    BIAS:
    Gebruik voor de afstelling van de negatieve rooster spanning op de eindbuizen een meerslags potmeter. Bij een enkelslags potmeter "schiet" je er snel voorbij!
      BACK

    BIAS 2:
    Whatabout een stroombron voor de biasing!
    Voordelen:
    - geen gematchte buizenparen nodig,
    - opnieuw afstellen door verlopen van de buizen niet meer nodig
    - geen afregeling meer!

    Een en ander wordt duidelijk als je de twee schema's download:
    Valveamp.zip  (25kB)  en  I_sourse.zip (10kB)

    Het idee heb ik van   www.mc-h.demon.co.uk/valveamp.htm;
    het origineel (trident.gif) en de stabielere mosfet versie die ik ervan geknutselt heb;
    de stroom is instelbaar door middel van de zenerwaarde of de waarde van R1.
    Door;   Tjaco Middel.
        Email: "Tjaco of Sherida" <nlco9103@capitolonline.nl>

      BACK
     

    BIAS3:
    De volgende tip komt van: Auke Dost.
    Bias "loze" eindbuizen instelling
    Een tip voor diegene die van experimenteren houden, bouw het volgende maar eens in  een eindtrap om te testen.

    Normaal als je een pentode schakeling ziet (Fender, Marschall of KH) dan heb je de stroom
    begrenzings weerstanden van 470 Ohm tot 2k2 aan de voeding hangen.
    Verwijder deze weerstanden en verbind de buizen onderling door op de plek waar deze zaten.
    Leg daarna deze doorverbinding aan de shuntweerstand of smoorspoel aan de voorversterker zijde
    (dus waar normaal de weerstanden zitten).
    Verwijder de Bias en plaats in kathode (naar aarde) van iedere buis een weerstand van +/- 470 ohm met een elko van 100uF  100 volt parallel.
    Laat de versterker op niet meer dan 350 volt gelijkspanning draaien.

    Je zult merken dat deze veel harmonischer klinkt, het is uitstekend geschikt voor Hifi doeleinden
    maar ook voor "zingende" eindtrappen van gitaarversterkers!

    Nadeel: het vermogen loopt terug naar +/- 25 Watt voor een twee 6l6 eindbuisjes
    Maar klinken wel zeer mooi!

      BACK

    Nadelen van tegenkoppeling in gitaar buizen versterkers zijn:
    1. de versterking wordt altijd minder
    2. de dempings factor wordt groter, naar mate er meer wordt tegengekoppeld ,en bij gitaar willen we meestal een ongedempte sound.
    3. Als de tegenkoppeling te groot is wordt het geluid net als een transistorradiootje voortbrengt.
    4. bij bepaalde tegenkoppeling wordt de versterker een oscillator bij hoge frequenties
    5. bij deze zelfde slechte tegenkoppeling kan het geval optreden dat de versterker gaat nagalmen bij stoppen met spelen op de gitaar
       BACK

    Als je een speakerkast of een kast voor je versterker wilt bouwen zorg er dan voor dat de panelen verbindingen altijd geschroefd en verlijmd zijn. Gebruik voor een speakerkast altijd 18mm multiplex, met een houtenbalken frame van 25x25mm balken. En voor de versterkerkast 10mm multiplex. Gebruik geen spaanplaat. MDF kan ook in de zelfde diktes als multiplex, maar dan niet te veel schroeven gebruiken, maar meer verlijmen.
     
     
       BACK
     
    Een zachte distorsion is een signaal vervorming waar zeer veel gitaristen gebruik van maken.
    Het 1 maal versterkte signaal van de gitaar wordt op een wisselspanning gebracht van
    ca 0.5V tot 10Volt of meer dan wordt dit signaal geleid over een 2 of 4 tal diodes die parallel t.o.v.
    elkaar met de nul zijn geschakeld. Het verkregen signaal is hierna een blokvormig signaal geworden.
    Dit veroorzaakt in ons oor een mooi fel knetterend geluid. Als dit signaal, wat niet meer dan (pratisch) 1,5 Volt kan bedragen (ondanks de toevoerende spanning van 10 V of meer)nog eens  lekker opgekrikt wordt naar een spanning waarmee we met fatsoen een eindversterker kunnen aansturen, dan ervaren de meeste gitaar liefhebbers dit als een HELS geluid.
    Voorbeelden zat; meest toegankelijke: Metallica, Sepultura, enzovoort.
    Voor de klankkleur ingedeeld in stijlen der muziek:
    - lead  in  very heavy metal    silicium diodes (BV  1N4001 bij 10 V of meer)
    - hard rock                           silicium diodes (BV 1N4001 bij 3V max)
    - bleus                                  germanium diodes ( BV AA119 bij 10V of meer)
    - Jazz                                    gemanium diodes (BV AA119 bij 3Vmax)
    (De AA119 is helaas slecht te verkrijgen)
    Bij de heavy metal willen de meeste gitaristen een vette sound. Dit betekend dat zodra men na aanslaan der snaren, de snaren afdemt met de binnenkant van de hand, er als het ware nog een "afgeremde geluidsmuur" op je af  komt die +/-een seconde aanhoud, afhankelijk de demping met de hand. Maar als deze zelfde gitarist een versterker had, waarbij de spanning vóór de diodes maar net aan 1 volt bedraagd, deze "afgeremde geluidsmuur" er in geen geval zal zijn. Dus deze zogenaamde (feedback) of SUSTAIN waar men het altijd over heeft, hangt onder andere af van de spanning vóór de diodes.
    En natuurlijk dient er voor de distorsion vervorming een high, mid en bass knop te zitten of zelfs bandsper- of doorlaat filters, zodat we lekker kunnen experimenteren.

    Het verschil met harde vervoming is dat het signaal zo hoog versterkt wordt , dat het de voedingsspanning te boven komt. Het signaal gaat dan clippen. Valt echter niet zo veel meer aan te doen dan, wat betreft klankkleur.

       BACK