Verhaal 6 - Dinsdag 20 april 1999.

COMPUTERS

In het begin had Fanny een computer met zwart - wit
beeld, hij stond bij Jol en Pol in de weg en anders
moest hij de zolder op, wat ze jammer vonden, of ze
hem zolang op Fanny's bureau mochten zetten, daar
was plaats genoeg en dan kon ze ook computeren.
Maar Fanny had helemaal geen plaats genoeg vond ze,
"maar er staan leuke spelletjes op...en je zou kunnen
leren hoe je met een computer om moet gaan...dan kun
je er over meepraten als wij het over computers
hebben" zei Jol.
Oké, oké, vooruit dan maar, zet hem maar boven op
mijn bureau, en zo kwam dat stomme ding op Fanny's
bureau terecht, Pol had hem aangesloten en er werd
haar verteld hoe zij hem aan en uit kon zetten en voor
de rest moest Fanny het zelf maar uitzoeken hoe dat
ding werkte, er kon helemaal niets fout of verkeerd
gaan.

"Stomme computer, je gelooft toch niet dat ik daar achter ga zitten hè...en dat ding aanzet ...ik heb helemaal geen computer nodig...ik wil geen computer...
ik heb wel wat meer te doen dan spelletjes, ...idioot ding".
Hij stond mij, daar op het bureau maar aan

te gapen of hij wilde zeggen: "probeer het het eens,
het lukt je heus wel".
Na een week kon Fanny de verleiding niet meer
weerstaan zette met veel kriebels in haar buik (bang
dat ze iets verkeerd deed) de computer aan.
Hij deed het, oei wat nu...na veel geklungel en bijna
tijd om naar bed te gaan, had zij een spel op de
computer staan, nu de computer weer uitzetten en
morgen kijken of het lukt om erachter te komen hoe
dat spel werkt.

Een hele dag achter de computer gezeten en het werkte, Fanny had al 315 punten en ze begon het leuk te vinden, nog maar eens proberen, oef ik doe bijna niets meer dan spelletjes, toch leuk een computer.
Eens proberen of er meer op de
computer staat...hè ik kan typen en opslaan, dat is
leuk, nu kan ik ook al in Excel, (zo heet dat
programma) rijen maken...en mijn verzameling in de
computer zetten rij voor rij... vakje voor vakje...de
aantallen, goed zeg...en nu opslaan, zodat ik weet
waar ze staan, hoeveel ik er heb, wat voor kleur...
hartstikke leuk zeg.
Een jaar lang heeft Fanny deze computer verkend, er
veel van geleerd en héél véél spelletjes gedaan tot
diep in de nacht, en toen op een dag...dood...hij deed
niets meer, wat Fanny ook probeerde ze kreeg geen
leven meer in het beestje (computer).
Pol gebeld en die zou komen kijken en hij vertelde haar
het slechte nieuws...de computer is op... hij heeft het
begeven... hij was ook al oud...dood...morsdood...weg
computer.
Na een paar dagen begon Fanny haar beestje
(computer) toch te missen, ze belde Mol en zei: "stom
hè ... ik mis de computer".
Een week later kwamen Jol en Pol, Fanny vertellen dat
zij een nieuwe computer gingen kopen en als Fanny
wou, dan kon die, hun computer kopen.
...yes...Jim en Fanny kochten hun computer...er stond ook een tekenprogramma op Corel en Fanny kreeg van Pol ook nog zijn matrix printer.
Nu had ze al een betere computer met
'n kleurenbeeldscherm en een printer

...hoera Fanny ging meteen aan de slag.
Corel was leuk...er zaten ook plaatjes in de computer...
even in excel zetten... dat zag er leuk uit...nu printten...
oooohhh Jim kijk eens wat leuk...het werkt echt.
Vanaf die dag leerde Fanny met vallen en opstaan de
computer kennen, ze printte heel wat af en trok alle
programma's die op de computer stonden open om te
kijken wat het was.

Jim mopperde en gromde, "Fanny moest uit programmabeheer blijven... Fanny moest dit niet doen en dat niet... en daar moest Fanny van af blijven...zo vernielde ze heel de computer, Fanny moest nergens aankomen waar ze geen verstand van had".
"Ja, ja" dacht Fanny boos "zo lust ik er nog meer, dan
had ik echt geen computer nodig".
Zij wilde immers alles weten en van alles doen waar ze
geen verstand van had en trouwens, Pol en Mat
hadden gezegd dat Fanny zelf alles moest
onderzoeken, anders kreeg ze nooit verstand van.....

COMPUTERS.

Deel 2 van computers,
klik op het boek.

Deel 2 van computers