BAHA'I

 BOEDDHISME

CHRISTENDOM

CONFUCIANISME

ECIW

HINDOEÏSME

HUMANISME 

ISLAM

 JAINISME

JODENDOM

MAZDEÏSME

 SIKHS

 SJINTO

TAOÏSME



Jainisme of jaina, Indische verlossingsleer, die tegelijk met het boeddhisme in Noordoost-Indië ontstond.

De stichter was Vardhamana (gest. ca. 477 v.C.), bijgenaamd Mahavira (= Grote held) of Jaina (= Overwinnaar). De wereld van de Jaina's is eeuwig en onveranderlijk en wordt niet door een Hoogste Wezen geregeerd of voortgebracht. Alle gebeuren in de wereld heeft plaats door het samenwerken van eeuwige substanties (waaronder de zielen en de materie). Doel van de Jainistische heilsleer is de ziel van alle materie te bevrijden en haar in volledig isolement te verlossen. Daartoe dient een leven als monnik of als non en het houden van vijf geboden, waarvan de belangrijkste is: geen leven te beschadigen.
Aan het jainisme heeft India veel mooie tempels te danken. Bekend is hun zorg voor en bescherming van dierlijk leven. De invloed van de thans nog ca. 2, 6 miljoen Jaina's is vooral te danken aan hun sociale positie (rijke kooplieden).

© Winkler Prins / Uitgeverij Het Spectrum, Utrecht


 


Het Jainisme streeft naar de verwerkelijking van de hoogste perfectie van de mens, die in zijn oorspronkelijke zuiverheid vrij is van alle pijn en de gebondenheid aan geboorte en dood. De term Jain komt uit het Sanskriet jina, 'veroveraar', en impliceert het overwinnen van deze door de wereld der verschijnselen opgelegde gebondenheid. Het Jainisme vindt het niet belangrijk een God of enig wezen te erkennen dat hoger staat dan de perfecte mens. Zielen zijn zonder begin en zonder einde, eeuwig individueel. Het brengt zielen in drie brede categorieën onder: degenen die nog niet zijn gegroeid; degenen in het proces van evolutie en degenen die bevrijd zijn, vrij van wedergeboorte. Het Jainisme heeft sterk kloosterlijk-ascetische leringen, zelfs voor gezinshoofden. Het hoogste ideaal is ahimsa, gelijke genegenheid en eerbied voor alle leven. De Jain Agama's leren grote eerbied voor alle vormen van leven, strikte codes voor vegetarisme, ascetisme, geweldloosheid zelfs in zelfverdediging, en tegen oorlog. Het Jainisme is, bovenal, een godsdienst van liefde en mededogen.

 

JAIN GELOOFSPUNTEN

1. Ik geloof in de geestelijke lijnopvolging van de 24 Tirthankara's waarvan de ascetische wijze Mahavira de laatste was - dat zij eerbiedigd en aanbeden dienen te worden boven al het andere.

2. Ik geloof in de heiligheid van alle leven, dat men een einde moet maken aan het kwetsen van bewuste schepsels, groot en klein, en dat zelfs onbedoeld doden karma schept.

3. Ik geloof dat God noch Schepper, Vader of Vriend is. Zulke menselijke concepten zijn beperkt. Alles dat over Hem gezegd kan worden is: Hij is.

4. Ik geloof dat de ziel van elke mens eeuwig en individueel is, en dat ieder zichzelf op eigen kracht moet overwinnen en het wereldlijke aan het hemelse ondergeschikt moet maken om moksha, of bevrijding, te bereiken.

5. Ik geloof dat de overwinning op zichzelf alleen bereikt kan worden in ascetische discipline en strikt religieuze naleving, en dat niet-asceten en vrouwen hun bevrijding in een ander leven zullen hebben.

6. Ik geloof dat het principe dat de opeenvolging van levens beheerst karma is, dat onze daden, zowel goed als slecht, ons bindt en dat karma alleen opgelost kan worden door zuivering, boetedoening en soberheid.

7. Ik geloof in de Jain Agama's en Siddhanta's als de heilige geschriften die het morele en geestelijk leven van de mens leiden.

8. Ik geloof in de Drie Juwelen: juiste kennis, juist geloof en juist gedrag.

9. Ik geloof dat het uiteindelijke doel van moksha de eeuwige bevrijding van samsara, "wiel van geboorte en dood" is, en de tegelijk komend met de bereiking van Hoogste Kennis.