www.dvd-web.eu

Home

Gastenboek

Geschiedenis

Juridisch

Katwijk

Klassieke muziek

De geslachtsnaam Van Duijvenbode

Tips

E-mail

Zoek

 

Inleiding

De geschiedenis

De straatnamen

De gemeenteraad

 

The history of Katwijk

 

De geschiedenis van Katwijk

 

Op deze bladzijde wordt de Katwijkse geschiedenis behandeld. De stof is ingedeeld in tijdvakken. Bij elk tijdvak wordt eerst een korte inleiding gegeven op de geschiedenis van ons land.

 

Inhoudsopgave

 

v      De Romeinse tijd

v      De Middeleeuwen

v      De Tachtigjarige Oorlog

v      De Republiek

v      De Franse tijd

v      De negentiende eeuw

v      De Eerste Wereldoorlog

v      Het Interbellum

v      De Tweede Wereldoorlog

v      De tweede helft van de twintigste eeuw

 

En verder:

v      Mediatips

v      Oproep

v      Externe links

 

De Romeinse tijd  top

 

Ons land. De historie van ons land begint met de komst van de Romeinen. Voor die tijd kende men in ons land nog geen geschreven bronnen en leefde men dus nog in de prehistorie. Over die prehistorie is weinig bekend.

v     De Romeinen waren in de Nederlanden gekomen onder leiding van Julius Caesar in het jaar 57 v.C. Na de komst van Caesar vestigden zich de Bataven in ons land. Zij werden bondgenoten van de Romeinen en verdedigden de Rijn als noordgrens van het Romeinse Rijk. Een andere volksstam was die van de Katten (in het Latijn: Catti). Waarschijnlijk is de naam Katwijk van de naam van deze volksstam afgeleid.

v     Van 68-70 n.C. waren de Bataven (en andere Germaanse stammen) onder leiding van Julius Civilis in opstand tegen keizer Vespasianus (de ‘Bataafse opstand’). De opstand werd echter neergeslagen en de Bataven sloten een nieuw verbond met Rome.

v     Omstreeks 250 moesten de Romeinen uit onze contreien wijken vanwege de voortdurende aanvallen van de Germanen (met name de Franken). Door overstromingen is waarschijnlijk een voorlopig einde gekomen aan de permanente bewoning van de streek.

Katwijk. In de Romeinse tijd was Katwijk van groot belang. Katwijk lag immers op een strategisch punt: de Rijn vormde zoals gezegd de noordgrens van het Romeinse Rijk.

v      Het legendarische Lugdunum Batavorum wordt vaak gesitueerd bij Leiden. Deze stad tooit zich daarom al eeuwen lang met deze Latijnse bijnaam. De legerplaats lag echter bij Katwijk. Hij werd gebouwd in de tijd van keizer Claudius (41-54). Lugdunum (thans Lyon) was de geboorteplaats van de keizer terwijl ‘Batavorum’ uiteraard slaat op de Bataven. De naam kan dus vertaald worden met ‘Bataafs Lyon’.

v      Caligula.gif - 5887 BytesEen ander belangrijk castellum (militaire vesting) in de omgeving was de Brittenburg (ook wel Huis te Britten), dat werd gebouwd in de tweede en de derde eeuw. De resten hiervan moeten zich thans in de Noordzee bevinden. Tot in de achttiende eeuw hebben de Katwijkers bij laag water deze restanten zien liggen. Onderzoek hiernaar in de twintigste eeuw heeft helaas niets opgeleverd.

v      De Romeinse keizer Caligula (37-41) zou volgens de overlevering met zijn leger op het Katwijkse strand hebben gestaan toen hij naar het noorden van het rijk was getrokken met de bedoeling om Brittannia te veroveren. Uiteindelijk keerde hij overigens onverrichter zake huiswaarts. Om niet helemaal met lege handen te komen schijnt hij zijn soldaten te hebben opgedragen om hun helmen te vullen met schelpen. Zie Towns in Germania Inferior: Lugdunum (Brittenburg).

v      In de Romeinse tijd bevond zich in Katwijk vermoedelijk al een vuurtoren: “De Romeinen bouwden hier vuurtorens, niet alleen voor de vissers, maar ook voor de oversteek naar Engeland en voor het kunnen vinden van de monding van de Rijn, bij Katwijk. Ze bouwden burchten en het is welhaast zeker dat aan een groot kasteel, genaamd Brittenburg, een hoge toren is gebouwd waarop een vuur brandde. In de 18de eeuw spraken vissers te Katwijk nog over de toren van Kalla, waarvan de ruïnes op enige afstand uit de kust de netten deden haken. De naam Kalla kan een aanwijzing zijn, dat die vuurtoren gebouwd is onder keizer Caligula, dezelfde die ook de vuurtoren te Boulogne heeft doen bouwen.” (uit: Romke van der Veen: Vuurtorens – over vierboeten, lichtwachters en markante bouwwerken, Groningen 1981, blz. 15-16).

 

De Middeleeuwen  top

 

Ons land. De Middeleeuwen worden meestal gesitueerd tussen de jaren 500 en 1500. Het betreft het tijdvak tussen de val van het Romeinse Rijk en de opkomst van de zogenaamde Renaissance (de herleving van de antieke cultuur van de Grieken en de Romeinen). Dit tijdvak kende naar huidige inzicht een lage beschaving.

v      Het begin- en eindpunt van de Middeleeuwen verschilt per land. Zo wordt in Spanje als beginpunt genomen het jaar 711 (inval van de Moren) en als eindpunt het jaar 1492 (verovering van Granada, het laatste bolwerk van de Moren). In onze streek zou men als beginpunt kunnen nemen het jaar 250 (vertrek van de Romeinen), terwijl als eindpunt gekozen zou kunnen worden het jaar 1581 (afzwering van koning Filips II als onze landsheer).

v      De Middeleeuwen kunnen worden onderverdeeld in de volgende perioden:

250‑500

:

de Oudgermaanse periode; in deze periode vindt de Volksverhuizing plaats

500‑1000

:

de Frankische periode, onder te verdelen in:

a. de Merovingische tijd (600-800); en

b. de Karolingische tijd (800-1000);

in deze periode krijgen de Franken de overhand en behoort ons land tot het Frankische Rijk waarvan Karel de Grote de bekendste vorst is

1000‑1581

:

de landsheerlijke periode; in deze tijd ontstaat het zogenaamde leenstelsel, waarbij de vorsten land gaan uitlenen aan hun leenmannen, de graven en hertogen; gaandeweg worden deze leenmannen steeds machtiger, doordat ze voor het gemak ‘vergeten’ dat ze de gronden slechts in leen hebben ontvangen; ons land behoort in deze periode (officieel tot 1648) tot het Duitse Rijk

Katwijk. In de Merovingische tijd (600-800) was sprake van enige bewoning in onder meer het gebied Cleijn Duin (een kleine uitstulping van de Zuidduinen).

v      In het jaar 690 landde de monnik Willibrord (658-739) vanuit Ierland bij Katwijk met de bedoeling om de Nederlanden tot het Christendom te bekeren. Veel bewoners zal hij toen nog niet hebben aangetroffen in Katwijk.

v      In het jaar 860 vond bij Katwijk een zeer zware overstroming plaats, waardoor de Rijnmond verstopt raakte. Zonder deze gebeurtenis zou Katwijk wellicht ooit zijn uitgegroeid tot een grote havenstad.

v      Vanaf ongeveer 950 gaf de Rijn (door de vorming van jonge duinen) geen toegang meer tot de zee. Dit leidde lange tijd tot overstromingen in de rest van Zuid-Holland.

v      In de elfde of de twaalfde eeuw ontstond het dorp Katwijk aan den Rijn. Voor het eerst wordt dit dorp vermeld in 1231, toen graaf Floris IV er verblijf hield en recht sprak.

v      Katwijk aan Zee bestond aanvankelijk uit niet meer dan een verzameling hutten, maar won na 1300 aan betekenis door een toename van de visserij. In 1388 werd de vismarkt van Katwijk aan den Rijn verplaatst naar het strand.

v      In het jaar 1404 vatte men voor de eerste maal het plan op voor een ontstopping van de Rijnmond, maar uiteindelijk ‘verzandde’ dit plan.

v      De beide Katwijken vormden één heerlijkheid (het gebied van een heer) met het oudere Valkenburg. De parochiekerk, die aanvankelijk in Valkenburg stond, werd op een gegeven ogenblik verplaatst naar Katwijk aan den Rijn (de Dorpskerk). In 1461 werd Katwijk aan Zee een zelfstandige parochie en kreeg het een eigen kerk (de Oude Kerk, oorspronkelijk Sint Andreaskerk genaamd). In hetzelfde jaar ontstond het Gasthuis van Katwijk aan Zee, de eerste instelling voor bejaardenzorg in de provincie Zuid-Holland.

 

De Tachtigjarige Oorlog  top

 

Ons land. De verschillende gewesten die later ons land zouden vormen kwamen geleidelijk aan (met name door huwelijk en vererving) in handen van één familie. Aanvankelijk waren dat de hertogen van Bourgondië. Hertogin Maria van Bourgondië huwde in 1477 met keizer Maximiliaan I van Duitsland. Hun zoon graaf Filips II de Schone van Holland huwde op zijn beurt met koningin Johanna de Waanzinnige van Spanje. Hun zoon Karel kreeg door vererving uiteindelijk de macht over een groot deel van Europa; zo was hij onder meer keizer Karel V van Duitsland, koning Karel I van Spanje en graaf Karel II van Holland. Reeds bij leven verdeelde hij zijn macht: zijn broer Ferdinand kreeg Oostenrijk en het keizerschap van Duitsland, terwijl zijn zoon Filips Spanje, de koloniën in Amerika, delen van Italië en de Nederlanden kreeg. Deze zoon, bekend als koning Filips II van Spanje, wilde de Zeventien Verenigde Nederlanden tot één centrale staat samensmeden en vervolgde elke van het katholicisme afwijkende opvatting. Na de Beeldenstorm in 1566 stuurde hij de hertog van Alva naar de Nederlanden om het verzet de kop in te drukken. Dit leidde tot het begin van de Tachtigjarige oorlog. Alle gewesten sloten zich in 1576 aaneen tegen koning Filips II van Spanje met de Pacificatie van Gent. Vervolgens sloten in 1579 de zuidelijke, katholieke gewesten de Unie van Atrecht en kozen zij de zijde van Spanje. Als reactie hierop sloten de noordelijke 'Zeven Provinciën' (Gelderland, Utrecht, Holland, Zeeland, Friesland, Groningen en Overijssel) zich aaneen in de Unie van Utrecht, en vormden zij op het einde van de zestiende eeuw de Republiek der Verenigde Nederlanden. Na een lange oorlog, die in de periode 1609-1621 onderbroken werd door het Twaalfjarig Bestand, behaalden de Nederlandse gewesten uiteindelijk de overwinning. In 1648 werd de vrede van Münster getekend waarbij de onafhankelijkheid van de Republiek der Verenigde Nederlanden werd erkend. De zuidelijke gewesten bleven onder gezag van Spanje.

Katwijk. Katwijk heeft, net als Leiden, te lijden gehad van de Tachtigjarige Oorlog (1566-1648). Het dorp werd half verbrand en de Oude Kerk werd ten dele verwoest.

v      In 1570 vatte men weer eens het plan op om een uitwatering voor de Rijn te maken. (Zoals eerder opgemerkt zorgde de verstopte Rijnmond al eeuwen lang voor overstromingen.) Er werd een proefdoorgraving gemaakt, die op 26 maart 1571 werd aangevangen. Op 30 november was de doorgraving tot aan het strand genaderd, terwijl de plechtige opening plaatsvond op 1 april 1572 (op dezelfde dag dat Den Briel door de Watergeuzen werd veroverd op de Spanjaarden). Bij de opening waren onder meer de Dijkgraaf van het Hoogheemraadschap van Rijnland, het bestuur van de stad Leiden en een grote mensenmenigte aanwezig. De uiteindelijke doorgraving ging echter niet door (ten gevolge van geldgebrek en de oorlogsomstandigheden), waarna de proefdoorgraving spottend ‘het Mallegat’ werd genoemd.

v      Katwijk ging door het oorlogsgeweld gehavend de Gouden Eeuw (de De Vuurbaak van Katwijk (1605)zeventiende eeuw) in. Bovendien rukte aan het begin van deze eeuw de zee op, waardoor de Oude Kerk, die aanvankelijk midden in het dorp stond, aan de kust kwam te staan. Ook de reeds lang bestaande vierboet (vuurbaak) werd bedreigd. Er moest dan ook een nieuwe vuurbaak worden gebouwd; in 1605 werd daartoe een verzoekschrift ingediend bij stadhouder Prins Maurits. De nieuwe vuurbaak “zou geplaatst moeten worden op een woest stuk grond, des Grafelijkheids Wildernisse. Het werd een lange procedure maar in 1628 werd gunstig beslist. De Vuurboetmeesters mochten geld vragen, van de opbrengst van de naar de afslag gebrachte vis, en wel één duit per Hollands Pond, ter waarde van vijftien stuivers. Dit geld was nodig voor de betaling van de Brand en andere onkosten voor de Vuurboet tot Katwijk op See. Een schrijver moest daarvan nauwkeurig aantekening houden.” (Uit: Romke van der Veen, t.a.p. blz. 21-22). De vuurbaak is thans de oudste van ons land.

v      De heerlijkheid van de beide Katwijken was eeuwenlang eigendom van de familie Van Wassenaer, die tevens het burggraafschap van Leiden bezat. In het midden van de zestiende eeuw was deze familie echter in de mannelijke lijn uitgestorven, waarna de heerlijkheid door huwelijk was overgegaan op het Spaansgezinde geslacht De Ligne (afkomstig uit het Belgische Henegouwen). In verband met de Spaansgezindheid van de Prins De Ligne heeft de heerlijkheid van de beide Katwijken enige tijd onder bewind gestaan van stadhouder Prins Frederik Hendrik. Deze schonk op 30 maart 1644 aan de heerlijkheid een Bank van Lening, die was gevestigd in de Kerkstraat. In 1654, na de vrede van Münster (1648), verkocht men de heerlijkheid aan Willem van Liere, Heer van Oosterwijk (bij Leerdam).

 

De Republiek  top

 

v      In de tijd van de Republiek (1648-1795) viel Katwijk nog steeds onder de heren van Katwijk. Dezen lieten het bestuur feitelijk over aan de schout. Een bekende schout was Carolus Boers (1679-1748). Een andere bekende figuur in deze tijd was predikant en geschiedschrijver Ds. Adrianus Pars (1641-1719). Deze schreef een kroniek over de Katwijkse geschiedenis.

v      Ook in deze periode heeft Katwijk geleden onder oorlogsomstandigheden. Tijdens de Engelse Oorlogen (in de tweede helft van de zeventiende eeuw) ging menige Katwijkse schuit verloren.

v      In 1751 bezocht stadhouder Prins Willem IV de baron van Wassenaar. De prins werd door de Katwijkse bevolking enthousiast onthaald.

v      Op 30 juli 1789, in de maand waarin de Franse revolutie uitbrak, bracht zijn zoon stadhouder Prins Willem IV een bezoek aan Katwijk. Hij bezocht er onder meer de Dorpskerk. Daarna wandelde hij naar het strand om er de schepen te bekijken.

 

De Franse tijd  top

 

v      In de Franse tijd (1795-1814) had de Katwijkse visserij aanvankelijk veel te lijden van de Engelse kaapvaart. Later gingen de Engelsen de Katwijkse smokkelhandel (onder leiding van Reyn Varkevisser) steunen. Op een gegeven ogenblik waagden de Engelsen zich zelfs in de Uitwatering.

v      In 1808 werden in de Uitwatering Rijnlands sluizen (“de kapitale binnen sluis van het Katwijks kanaal”) geopend door koning Lodewijk Napoleon. In die dagen werden de sluizen als een technisch wonder beschouwd.

 

De negentiende eeuw  top

 

v      In 1814, na het vertrek van de Fransen, werd Willem I soeverein vorst over de Nederlanden. In 1815 aanvaardde hij het koningschap. Ons land omvatte van 1815 tot 1830 (officieel tot 1839) ook de Zuidelijke Nederlanden, het tegenwoordige België.Katwijks interieur

v      In 1837 werden de heerlijke rechten afgeschaft, waarna de visserij langzaam tot ontplooiing kwam. Belangrijk was de oprichting van de “Katwijksche Maatschappij tot uitoefening van de Kust- en Steurvisscherij”. Koning Willem I kocht hierin 15 van de 240 aandelen.

v      Een aardig verhaal is dat van de Katwijkse visser Pieter Willemsz. Groen. Deze spoelde in 1836 na een schipbreuk aan op het eiland Tristan da Cunha (ontdekt in 1506 door de Portugees Tristão da Cunha). Groen besloot te blijven en werd een leidende figuur op het eiland. Heden ten dage is “Green” een van de zeven achternamen die op het eiland voorkomen. Het eiland maakt deel uit van de Britse kroonkolonie Sint Helena en telt thans ongeveer 300 inwoners.

v      Aan het einde van de negentiende eeuw begonnen beroemde schilders Katwijk te bezoeken, zoals Jan Toorop, German Grobe, Hans von Bartels en Willy Sluiter.

v      In 1879 werd in Katwijk een Kamer van Koophandel opgericht. Erg belangrijk voor de Katwijkse economie was de visserij. Veel van de vis die door Katwijkers werd gevangen was bestemd voor de export. De verse vis werd naar België, Duitsland en Frankrijk uitgevoerd, terwijl de gedroogde vis alleen naar België ging. De bokking werd zowel naar Duitsland als België verzonden. Naast de visserij was voor de Katwijkse economie de land- en tuinbouw van belang. Met name aardappels en bloemkolen werden er verbouwd, maar ook tulpen en krokussen.

v      In 1897 werd de “Vereniging ter Bevordering van het Vreemdelingenverkeer te Katwijk” opgericht.

v      In 1902 werd in Katwijk een grote visserijtentoonstelling georganiseerd op een terrein langs de boulevard. Een grote hal werd daar opgericht, met als ingangspartij een haringtonnenpoort, met nisversieringen van de hand van Jan Toorop. De tentoonstelling werd op 1 juli geopend door Koningin-Moeder Emma.

 

De Eerste Wereldoorlog  top

 

v      Tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918), waaraan ons land overigens niet meedeed, liep het toerisme in Katwijk terug. Meer nog had de visserij van de oorlog te lijden: 26 Katwijkse schepen vergingen, in de meeste gevallen door mijnexplosies. Aanvankelijk had men overigens van de oorlog geprofiteerd: door de tekorten in Duitsland was de haringprijs daar opgedreven. In 1916 werd de uitvoer naar Duitsland echter aanzienlijk ingeperkt, waardoor men hier met voorraden bleef zitten. Na de oorlog leefde de uitvoer naar Duitsland niet op, zoals verwacht, maar bleef deze ten gevolge van Duitse invoerbeperkingen op een laag peil.

v      Geleidelijk aan waren de traditionele bomschuiten verdrongen door loggers. In 1917 voer vanuit Katwijk de laatste bomschuit uit.

v      Hoewel het toerisme zoals gezegd terugliep mocht Katwijk toch nog wel enkele belangrijke toeristen begroeten in deze sombere jaren: in de zomer van 1916 logeerden koningin Wilhelmina en haar dochtertje prinses Juliana zeven weken in de villa Duinlust aan de Zeeweg.

 

Het Interbellum  top

 

v      Gedurende het interbellum (1918-1940) werden zowel de visserij als het toerisme weer opgebouwd in Katwijk.

v      In 1922 werd de Katwijkse Kamer van Koophandel opgenomen in de Leidse (de ‘Kamer van Koophandel voor Rijnland’).

v      Van 1927 tot 1929 volgde prinses Juliana colleges aan de Universiteit Leiden. Die jaren woonde zij met enkele medestudentes in Katwijk (zie De Koningin en leden van het Koninklijk Huis). Twee villa’s aan de Noord-Boulevard werden voor dat doel gehuurd van reder Dirk Taat. De prinses zelf verbleef in de villa ’t Waerle, terwijl haar kamerheer en haar overig personeel verbleven in de villa Hoogcate. De prinses raakte zodanig ingeburgerd in Katwijk dat ze door het dorp kon wandelen zonder nagestaard te worden.

v      In 1930 schonk de prinses als dank voor haar verblijf in Katwijk het monument ‘Vissersweduwe met zoon’ (kunstenaar: L.W. v.d. Noordaa) bij de Oude Kerk. De prinses kwam zelf naar Katwijk om dit monument te onthullen.

v      In 1932 werd het nieuwe Raadhuis aan de Zeeweg door de prinses geopend.

 

De Tweede Wereldoorlog  top

 

v      Op vrijdag 10 mei 1940, even voor vieren ’s morgens, verschenen Duitse gevechtstoestellen aan de horizon. Zij waren op weg naar het naburige vliegveld Valkenburg. De Duitsers achtten dit vliegveld van strategisch belang, aangezien het in de buurt van het regeringscentrum Den Haag was gelegen. De aanval kwam zozeer als een verrassing dat de vierhonderd vijftig militairen die het moesten verdedigen geen stand konden houden. Om zes uur ’s morgens was het vliegveld geheel in Duitse handen. De burgemeester van Valkenburg werd opgedragen om alle mannelijke inwoners van het dorp tussen 18 en 65 jaar in het centrum te verzamelen. Wat de Duitsers van tevoren niet wisten was dat het vliegveld nog in aanleg was en voornamelijk uit drassige weilanden bestond. De 57 Duitse toestellen die er waren geland konden niet meer opstijgen doordat zij tot aan de assen in de modder zaten. Intussen waren er echter wel meer dan duizend Duitsers geland. Weldra zwermden dezen uit naar Katwijk aan den Rijn, Katwijk aan Zee en Wassenaar. Ook op de stranden van Katwijk en Wassenaar waren (met parachutes) Duitsers geland.

’s Morgens om half negen wist een uit Katwijk aan Zee komende compagnie het vliegveld aanvankelijk tot op tweehonderd meter te naderen. Toen er doden vielen ontstond echter paniek en men holde terug, door de Duitsers tot in Katwijk aan den Rijn achtervolgd. Daar ontstonden vuurgevechten. Op een gegeven ogenblik kwam de blauwe tram luid bellend het dorp binnenrijden, terwijl de inzittenden voor de ramen naar het schouwspel stonden te kijken. Pas laat in de middag trokken de Duitsers zich uit Katwijk terug.

Ondertussen waren enkele Nederlandse batterijen veldartillerie, die in de duinen bij Katwijk waren opgesteld, begonnen zich op het vliegveld in te schieten. Dit had succes. Uiteindelijk moesten de Duitsers in de middag het vliegveld verlaten. In het dorp Valkenburg konden zij zich echter handhaven; hier bevonden zich zeshonderd Duitsers.

v      In de nacht van 10 op 11 mei was een bataljon uit Katwijk aan den Rijn naar de Wassenaarse duinen gemarcheerd met het doel om de Duitsers daar uit te schakelen. Bij het Wassenaarse Slag werd een bivak gemaakt. Om kwart over vier ’s nachts werd dat bivak echter aangevallen door de Duitsers. Aan Nederlandse zijde vielen vele doden en gewonden. Anderen gaven zich over. De overigen vluchtten naar Wassenaar.

Later in de ochtend rukte de voorhoede van een tweede bataljon, ditmaal uit Katwijk aan Zee, naar het Wassenaarse Slag. De mannen hadden echter niet gegeten en waren moe en hongerig. Zij werden door de Duitsers uiteengeslagen. De rest van het bataljon zou samen met een derde bataljon, uit Wassenaar, om twee uur ’s middags de aanval inzetten. Deze aanval kwam echter niet tot uitvoering. Boven Valkenburg werden voorraden gedropt. Deze werden aangezien voor parachutisten die, zo vreesde men, de terugweg zouden afsnijden. De mannen vluchtten daarom in wanorde terug naar Katwijk aan Zee en Wassenaar.

Diezelfde dag, zaterdag 11 mei, werd het dorp Valkenburg vanaf half acht ’s morgens door Nederlandse artillerie beschoten. In de Nederlands-Hervormde kerk aldaar bevonden zich driehonderd Nederlandse krijgsgevangen. In een cafézaal bevond zich de gegijzelde mannelijke bevolking van het dorp. Beide gebouwen werden bij de beschietingen getroffen, waarbij enkele doden te betreuren waren. Toen de artillerie zweeg drong de voorhoede van een Nederlands bataljon vanuit Katwijk aan den Rijn in Valkenburg door. Na enige tijd moest het evenwel vluchten. ’s Avonds om zes uur werd door een ander bataljon uit Katwijk een aanval ingezet; ook dit moest echter vluchten. Een aanval uit Leiden mislukte eveneens.

v      De volgende dag, zondag 12 mei (Eerste Pinksterdag), werden vanuit Katwijk opnieuw aanvallen uitgevoerd op Valkenburg. Door een verkeerd begrepen bericht van de legerleiding werden deze aanvallen echter afgebroken voordat ze goed en wel waren begonnen. Bij het terugtrekken vielen tien doden.

Al met al bevonden zich nog altijd twee groepen Duitsers in de omgeving van Katwijk: ongeveer driehonderd vijftig man bij het Wassenaarse Slag en ongeveer zeshonderd man in Valkenburg. Beide groepen maakten onderdeel uit van de 22ste Luftlande-Division. De eerste groep werd de rest van de oorlogsdagen met rust gelaten, aangezien men niet precies wist waar deze zich bevond. De aandacht ging uit naar de groep in Valkenburg.

v      Op maandag 13 mei (Tweede Pinksterdag) werden enkele beschietingen op het dorp uitgevoerd.

v      In de morgen van dinsdag 14 mei kregen de vrouwen en kinderen van het dorp (de mannen werden nog steeds gegijzeld door de Duitsers) verlof om het dorp te verlaten en naar Katwijk te trekken. De ongelukkigen werden door misverstanden van Nederlandse kant nog beschoten ook; ze werden aanvankelijk zelfs door Nederlandse troepen met de bajonet tot halverwege Valkenburg teruggedreven voor ze zich naar Katwijk mochten begeven.

Die middag vond in Rotterdam het bombardement plaats dat aan talloze burgers het leven kostte. Om 18.40 uur kondigde de radio de Nederlandse capitulatie af. De daarop volgende nacht probeerden verschillende burgers (met name Joden) in Katwijk en in andere kustplaatsen om vissers bereid te vinden om hen naar het veilige Engeland te varen. Tevergeefs. Vijf jaren van bezetting volgden voor ons land.

v      In 1942 werd in Katwijk het strand tot “Sperrgebiet” verklaard. Langs de boulevard en in de duinen verrezen zware bunkers en muren (de “Atlantikwall”). De kuststrook werd ontruimd en bijna zeshonderd huizen werden gesloopt.

 

De tweede helft van de twintigste eeuw  top

 

v      Na de Tweede Wereldoorlog werd Katwijk in snel tempo herbouwd. Degenen die waren onteigend vanwege de bouw van de Atlantikwall kregen op grond van de Wet Materiële Oorlogsschaden als schadevergoeding een stuk grond met herbouwplicht toegewezen.

v      Het Katwijks MuseumHet aantal inwoners steeg gestaag tot ruim 40.000. In het noorden van Katwijk verrezen de nieuwe wijken De Hoornes en Rijnsoever, terwijl aan het einde van de twintigste eeuw werd begonnen met het volbouwen van De Zanderij.

v      Het industrieterrein ’t Heen herbergt een groot aantal bedrijven dat van belang is voor de werkgelegenheid in de regio.

v      In 1974 liet koningin Juliana zich inschrijven als ‘gewoon’ lid van het Genootschap Oud Katwijk.

v      Op 22 april 1983 bracht koningin Beatrix een kort werkbezoek aan de gemeente Katwijk.

v      Op 19 mei 1983 werd het vernieuwde orgel in de Nieuwe Kerk in gebruik genomen; bijzonderheden over het orgel leest u op Het Van den Heuvel orgel in de Nieuwe Kerk, Katwijk aan Zee; op deze site zijn tevens geluidsopnames van het orgel te beluisteren.

v      In 1984 opende prinses Juliana het Katwijks Museum.

v      Koninginnedag 2000 (zaterdag 29 april) was een zeer bijzondere dag vanwege het feit dat koningin Beatrix in Katwijk (en Leiden) koninginnedag vierde. Zie de website van Radio Nederland Wereldomroep.

v      Aan het begin van de eenentwintigste eeuw, in juni 2002, werd een belangrijk besluit genomen: Katwijk zal per 1 januari 2006 fuseren met de twee buurgemeenten Rijnsburg en Valkenburg. Volgens voorstel zal de nieuwe gemeente ‘Katwijk’ heten en bestaan uit vier delen, namelijk Katwijk aan Zee, Katwijk aan den Rijn, Rijnsburg en Valkenburg.

v      Een andere, landelijke, fusie vond plaats op 1 mei 2004, namelijk die tussen de Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Evangelisch-Lutherse Kerk in het Koninkrijk der Nederlanden. Uit de fusie ontstond de Protestantse Kerk in Nederland. Twee van de tien Hervormde dominees in Katwijk aan Zee konden zich niet verenigen met de beginselen van de nieuwe kerk en zij verlieten deze, met hun aanhangers, en stichtten een nieuwe kerk, de Hersteld Hervormde Kerk. Aangezien zij menen aanspraak te kunnen maken op de bezittingen van de door hen verlaten kerk spanden zij een rechtzaak tegen deze aan, hetgeen de verhouding tussen beide groeperingen onder druk zette.

 

Mediatips  top

 

Als u in Katwijk of Valkenburg (Zuid-Holland) woont kunt u meer over de Katwijkse geschiedenis te weten komen via de televisie. De VLOK (Vereniging Lokale Omroep Katwijk en Valkenburg) zendt namelijk onder de naam Sporen van Vroeger een geschiedenisprogramma uit.

 

Oproep  top

 

Enige tijd geleden ontving ik van een mevrouw uit Voorburg een e-mailbericht met de volgende oproep:

Mijn opa, geboren op 26-01-1891 in Katwijk, had het tijdens z'n leven heel vaak over “de schat van Mart Jansz.”. Volgens zijn zeggen was er een enorm familiekapitaal (in Amerika?), afkomstig van een schip in de VOC-periode. Als kind van een jaar of tien vond ik het destijds een leuk verhaal, maar heb helaas nooit naar details gevraagd. Nu er meer mensen uit onverwachte hoek met hetzelfde verhaal op de proppen komen ben ik benieuwd geworden naar het waarheidsgehalte. Ik ben al met allerlei zoekprogramma's in de weer geweest maar tot dusver zonder direct concreet resultaat. Heb jij er van gehoord?

Helaas moest ik deze mevrouw teleurstellen: ik had nooit van “de schat van Mart Jansz.” gehoord en ook mensen in mijn omgeving haalden de schouders erover op. Als u er wel wat meer over weet, wilt u mij dan even een mailtje sturen? Bij voorbaat dank!

 

Externe links  top

 

v      De website www.home.worldonline.nl/~dparlev bevat zeer uitgebreide bronnen over de Katwijkse geschiedenis (onder meer literatuur en archieven). Interessant zijn op deze website verder de lijsten van Katwijkse bestuurders, schouten, dominees en dergelijke van de afgelopen eeuwen, alsmede de geschiedenis van enkele kerkgebouwen.

v      De website van Genootschap Oud Katwijk biedt gegevens over het lidmaatschap van het genootschap en de uitgave van het kwartaalblad.

v      De officiële website van de gemeente Katwijk biedt eveneens een (zij het bescheiden) overzicht van de geschiedenis van de gemeente: www.katwijk.nl.

v      De website over Koninginnedag 2000 geeft ook een historisch overzicht op Katwijk en Oranje.

v      Over Pieter Groen leest men op: Pieter Willemsz Groen - Peter Green en Tristan da Cunha, South Atlantic Ocean. Over het eiland zelf zie men Tristan da Cunha - the remotest island in the world en Tristan da Cunha.

v      Op Art Gallery Kraijenoord ziet u enkele in Katwijk gemaakte schilderijen.

v      Uitgebreidere informatie over de gebeurtenissen in en rond Valkenburg in mei 1940 treft u aan op Mei 1940.

v      De heer Nico van Dijk heeft ook een overzicht van De geschiedenis van Katwijk (en de Rijnmond) gemaakt, die hij mij bereidwillig ter beschikking heeft gesteld.

v      Op deze website ten slotte is aardig om te raadplegen een overzicht van de herkomst van De Katwijkse straten. Figuren uit de Katwijkse historie waarnaar een straat is vernoemd zijn hierop terug te vinden.

 

index – © Dirk van Duijvenbode, Katwijk aan Zee (NL) – Laatste wijziging: 21.V.2006