|


Een onderdeel van

Voor de getoetste en gebruikte protocollen volg de link "protocollen**" Deze link
"voorbeeldprotocol" verwijst naar een uitgewerkt
protocol waarbij er voldaan is aan de gestelde eisen zoals beschreven in
het
Verpleegkundig Handboek.
Voetnoot: Er is sprake van voorbeeldprotocollen aangezien binnen de diverse
ziekenhuizen een aangepaste versie
kan
rouleren. Dit wil nog niet zeggen dat het gebruikte protocol goed of fout
is. Het kan mogelijk zijn dat de volgorde van handelingen veranderd is of
andere middelen gebruikt worden
Bij deze zou ik in
eerste instantie willen verwijzen naar de
werkcahiers zoals deze
worden gebruikt binnen de nieuwe opleiding tot niveau 3, 4 en
5. Skillslab-serie voor
Verpleegkundige en verzorgende
vaardigheden. Transferpunt
Vaardighedenonderwijs.
Uitgeverij Bohn, Stafleu en Van Loghum
. Houten/Diegem.
Deze cahiers
worden op een goede manier aangevuld door bijkomende CD-Roms. welke door
video's en vaardighedentests voor MBO en HBO niveau het
theoretische
gedeelte op een passende manier
ondersteunen. Protocol
op Maat
Hoe kun je met behulp van protocollen zorg op maat leveren
? Wanneer hou je je precies
aan de voorschriften ? En
wanneer wijk je er van af ?
Een dilemma waar menig verpleegkundige op zijn tijd wel eens
tegen aan
loopt. Af en toe blijkt het
wel eens nodig te zijn om van een protocol af te
wijken Hoewel menig
verpleegkundige daar wel huiverig tegenover
staat. In het "Elkerliek"
Ziekenhuis in Helmond/Deurne is hier door
verpleegkundigen iets
op bedacht. Een vorm van
werken die enerzijds door protocollering de
handelingen van de
werknemers eenduidig maakt en die anderzijds de ruimte biedt
om gemotiveerd af te
wijken van de voorschriften.
Het protocol is geïntegreerd in het
rapportagesysteem. Bij elke
patiënt staat per dag aangegeven wat er volgens het
protocol moet
gebeuren. Achter elke
handeling die is uitgevoerd, zet de verpleegkundige
zijn/haar
paraaf. Daarnaast is er op
het blad een ruimte waarin de verpleegkundige
afwijkende handelingen kan
opschrijven, inzichtelijk voor de verpleging en
andere disciplines op
de afdeling. Positieve
kanten hieraan zijn: Het
doet een appèl op alle betrokkenen verpleegkundigen, er bestaat
aandacht voor
resultaten en effecten van de uitgevoerde handelingen
en het werken met de
protocollen bevordert de dagelijkse toepassing door
alle
verpleegkundigen.
Vrij uit
"Nursing"
Het vakblad voor
verpleegkundigen
Januari
2000
Een uitgave van Elsevier Maarssen
|
Het inbrengen van een perifeer
infuus
Naam : Het
inbrengen van een perifeer infuus
Auteur
: Afdeling 7A Neurologie
Doel : Het
perifeer infuus wordt ingebracht om een directe toegang te
verkrijgen, middels een verbinding met een vene
Algemene
opmerkingen:
Bekijk voor het inbrengen van het perifeer infuus het protocol
preventie
ziekenhuisinfecties:
met name het protocol handen wassen
Zonodig scheren ten behoeve van een goede fixatie van het
infuus.
Zonodig een driewegkraantje met 10 cm lijn aansluiten, afhankelijk
van de toe te dienen
medicatie/infuusvloeistof via diverse lijnen.
De toestand van de patiënt en de conditie van de venen zijn mede
bepalend bij
de keuze van soort en maat infuusnaald.
Bekijk voor het inbrengen van het perifeer infuus het protocol
preventie ziekenhuisinfecties:
met name het protocol handen wassen
Zonodig scheren ten behoeve van een goede fixatie van het
infuus.
Zonodig een driewegkraantje met 10 cm lijn aansluiten, afhankelijk
van de toe te dienen
medicatie/infuusvloeistof via diverse lijnen.
De toestand van de patiënt en de conditie van de venen zijn mede
bepalend bij
de
keuze van soort en maat infuusnaald.
Benodigdheden:
Werkblad/infuuskar gedesinfecteerd met alcohol 70%
Infuusstandaard
Voorgeschreven infuusvloeistof
Toedieningssysteem met naald en ontluchtingsslang
Beschermende onderlegger
Niet steriele handschoenen
Stuwband of bloeddrukmeter
Steriele gaasjes
Desinfectans: jodiumtinctuur 1% in 70% alcoholoplossing of 0,5%
chloorhexidine
in 70% alcoholoplossing
Venflon, infuusnaald
Fixatiemateriaal: Tegaderm
Naaldenbeker
Indien
nodig: scheermesje Locale verdoving: Emla zalf; deze zalf wordt met name gebruikt bij
kinderen
of bij patiënten die erg veel last hebben van
prikangst Driewegkraantje met 10 cm
lijn Infuuspomp, IVAC of perfusor
Schaar
Kocher
Werkwijze:
A) Vullen van het systeem:
Controleer de infuusvloeistof
Desinfecteer de dop of insteekplaats en
bevestig de infuusfles of zak
aan de infuusstandaard
Bij zak met spikesysteem het insteekpunt niet
desinfecteren, de
insteekopening
blootleggen en direct de spike van
het toedieningssysteem bevestigen
Open de verpakking steriel toedieningssysteem
en controleer dit
Sluit de rollerklem onder het
filterhuis
Sluit toedieningssysteem aan op infuusfles of
zak. Indien bij flessen apart
een ontluchtingsslang wordt gebruikt,
moet deze slang boven het vloeistofniveau worden gefixeerd om lekken te
voorkomen.
Laat het toedieningssysteem vollopen tot aan
het uiteinde en klem deze af met
de rollerklem (zorg dat het toedieningssysteem vrij is van
luchtbellen)
Het uiteinde van het toedieningssysteem moet
steriel blijven
B)
Inbrengen van het infuus:
Informeer de patiënt over de
handeling
Handen wassen/desinfecteren
Overleg met de patiënt een plaats voor
het inbrengen van het
infuus,
welke voor de patiënt de minste belasting oplevert
Verwijder beklemmende zaken als ringen,
horloge etc.
Beschermende onderlegger
neerleggen
Stuwband aanbrengen en stuwen.
Bij gebruik van de bloeddrukmanchet
zorgen voor voldoende stuwing
(bij 20 mm hg onder de palpabele systolische bloeddruk is er wel arteriële bloedstroom,
doch is de veneuze bloedstroom onderbroken)
Vene lokaliseren en punctieplaats
bepalen
Zonodig de punctieplaats scheren
Desinfecteer de punctieplaats met jodiumoplossing 1% in 70%
alcoholoplossing of
0,5% chloorhexidine-oplossing in 70%
alcoholoplossing en deze laten drogen aan de lucht.
Bij palpatie van het reeds gedesinfecteerde gebied ook de vingers
desinfecteren
Niet steriele handschoenen
aantrekken
Pak de venfloninfuus naald vast en
inspecteer deze.
Positioneer de plaats waar gepuncteerd gaat worden.
Breng de venflon infuusnaald in, trek de binnennaald ietsje terug
en controleer of er bloed terug komt.
Schuif, wanneer er bloed terug komt de venflon geheel op in de
vene.
Maak de stuwband of bloeddrukmanchet
los
Verwijder de binnennaald.
De binnennaald mag nooit in de venfloncanule worden teruggeschoven
in verband met gevaar voor beschadigingen.
De naald moet in de daarvoor bestemde naaldencontainer gedeponeerd
worden (mini bekerformaat)
Het dopje van het toedieningssysteem
verwijderen en op aseptische
wijze en luchtvrij aansluiten op de venflon of verbinden aan het
driewegkraantje
Venflon en toedieningssysteem fixeren.
Een goede fixatie is belangrijk, omdat bewegingen van de canule
mechanische
irritatie kunnen veroorzaken.
Het fixeren van de canule op de huid mag geen invloed hebben op de
bloedstroom rond de canule.
Het gebruik van tegaderm pleister (type 1623-3m) geeft een zorgvuldig
afgedekte nog zichtbare punctieplaats.
Handschoenen uittrekken
Inloopsnelheid infuus regelen
Was/desinfecteer de handen na afloop en
teken de handeling af in
het
verpleegkundig dossier
Complicaties:
Subcutaan lopen van de
infuusvloeistof
Haematoomvorming
Mag zelfstandig verricht worden
door:
Verpleegkundige welke bekwaam is de
handeling uit te voeren
Mag geassisteerd worden
door:
Verpleegkundige
Ziekenverzorgende/MDGO-VP/VIG-er
LL. verpleegkundige (indien doel
behaald)
|