Tweede vaardag: van St-Vincent-sur- Oust via La Gacilly naar Porte de Roche


Zondag zijn we allemaal vroeg wakker. Het is nevelig buiten. Er drijven mistflarden over het water. Dat hindert de vogels niet uitbundig te zingen. We horen ook een specht kloppen. Pepijn fietst naar de bakker in St-Vincent-sur-Oust en komt terug met twee stokbroden, een pain aux raisins en twee chocolade broodjes. Direct na het ontbijt vertrekken we naar La Gacilly. We varen verder over de brede rivier l’Oust. Er liggen een aantal eilandjes met bomen in het water.
 We komen in een moerasachtig gebied nu. Ik zie allerlei vogels in dit waterrijke gebied, reigers, meeuwen en ook een aalscholver maar ook  bevers of muskusratten. Door het nevelige weer heerst er een mystieke sfeer. Rechts zien we koeien in een mistig weiland staan.  
Recht voor ons zien we het dorpje Glénac liggen. Wij moeten echter rechtsaf het riviertje l’Aff in, het oogt als een soort van slootje. Bij de splitsing liggen twee vergane roeibootjes, één op de kant, één troosteloos half onder water.
We varen verder door l'Aff met links en rechts nu moerasachtig gebied. De smalle vaargeul is gemarkeerd met rode en groene palen. We varen verder. We varen nu niet meer door moeras maar door een bosrijk gebied. Er is een paardensportevenement. We blijven buiten sturen om zo veel mogelijk van de omgeving te zien maar met dit nevelige weer is het wel koud. 
Dan komen we in La Gacilly. Hier is een haventje vlak voor een stuw waarover het water zich naar beneden stort.
Harm maakt er prachtige foto’s van plantjes die zich ondanks de krachtige stroming weten te handhaven. 
Verder is er een wasplaats en een oude watermolen. We lopen het dorp in. We zoeken een telefoonkaart voor Pepijn en vinden een bar-tabac waar die te krijgen zijn. Het is er hartstikke druk. Mensen die wat drinken maar ook velen die even binnenlopen voor de krant of om een weddenschap af te sluiten. Pepijn krijgt via zijn telefoon in het frans instructies hoe hij moet opwaarderen. Ik luister ook mee maar kan er ook niet mee uit de voeten. We vragen de eigenaar van de bar-tabac om te helpen. Deze is wel bereidwillig maar hij heeft het razend druk met de stormloop op zijn zaak. Hij zegt geen tijd te hebben en we lopen met een nutteloos papiertje terug naar de boot.  

Inmiddels is het zonnetje erdoor gekomen. We varen terug weer door het prachtige moeras. We maken opnieuw foto’s.

We stoppen op de plek waar we ‘s nachts hebben gelegen voor de lunch. We maken knakworstjes warm. Daarna klimmen we op de rotsen. Vandaar hebben we een prachtig uitzicht over de rivier. In de diepte zien we onze boot liggen.  

Daarna varen we verder naar Redon. We proberen nog even of het kantoor van de bootverhuurder open is maar dat blijkt niet het geval. Eén van de douches loopt namelijk niet goed leeg en het stinkt er behoorlijk. De andere douche heeft dat niet. We besluiten dat we het ook wel met één douche toekunnen en varen verder.

We slaan linksaf en varen de rivier de Vilaine op. Aan de kade ligt een oude sleepboot.

De Vilaine is een brede rivier. Het ademt een beetje de sfeer van zee omdat er overal bootjes met vierkante netten aan een soort hijsconstructie liggen. Het is zondag. Dat is te zien aan de vele wandelaars die langs de rivier lopen. Een stukje buiten de stad is een viswedstrijd aan de gang. We varen alsmaar door, we kunnen 40 km vooruit zonder een sluis tegen te komen. Ondanks de lage temperatuur spelen er bij een steiger bij het dorpje Beslé kinderen in de rivier. Na verloop van tijd wordt de rivier smaller. Sommige stukken zijn afgebakend met groene tonnen. Daar zijn ondieptes. Opeens zien we een boot aan de verkeerde kant van die tonnen liggen. Drie mannen in onderbroek staan in het water naast hun boot. Ze zijn vastgelopen. Het blijken Duitsers. We gooien ze een touw toe. Nu moeten ze weer in de boot klimmen. Dat blijkt nog niet zo eenvoudig. Er is er eentje bij met een enorme bierpens. Hij legt met twee handen zijn buik eerst op de achterplecht van de boot en probeert dan met de rest van zijn lichaam over die buik te rollen en de zwaartekracht te overwinnen. Achteraf jammer dat we daar geen foto van hebben gemaakt. Als iedereen weer op de boot is maken ze het uitgeworpen touw vast en we trekken zonder problemen de boot met de Duitsers los.  

Niet lang daarna leggen we rechts aan bij Port de Roche. De Duitsers leggen achter ons aan. We krijgen twee halve liters bier van hen voor het lostrekken. Een mooi gebaar!

We liggen voor een prachtige stalen brug die nog in de wereldtentoonstelling in Parijs is gebruikt. 

Op de kade waar we zijn aangemeerd, ligt een dikke laag uitgedroogde modder. Het heeft hier nog niet zo lang geleden onder water gestaan. De laag modder is wel vijf centimeter dik. Er zitten scheuren in als na een regenbui in de woestijn. Het craquelé in de modder vormt een fraai patroon. 
Harm maakt er mooie foto’s van. Hij en Pepijn kunnen gewoon op de modder lopen. De gewichtige Duitsers zakken er in weg. Eén van hen verliest een slipper in de zuigende modder. Onverstoorbaar loopt hij op z’n sokken verder. Even later gaan ze ook midden in de modder barbecuen.  
Pepijn verveelt zich een beetje. Hij maakt een paadje door de modder. ’s Avonds lopen we naar het dorpje Ste-Anne-sur-Vilaine. Er is wel een café maar dat ziet er niet aantrekkelijk uit. We lopen terug naar de boot en spelen met zijn drieën een potje scrabble. Pepijn wint.

 

Varen in Bretagne            Andere kanalen            Vorige dag            Volgende dag