English versionDerde dag: Van Châtillon-en-Bazois naar Baye


Als ik dit schrijf is het drie uur 's middags. We zijn nu op het hoogste punt van het Canal du Nivernais. We liggen aan een kade tussen het Étang de Baye en het kanaal. Op dit moment regent het dat het giet.

We vertrokken als altijd om negen uur 's morgens. We maken net voor een andere boot los en liggen zo voor inde eerste sluis. Op de andere boot zien we een Frans koppel. Ze liggen alleen met het voortouw vast en liggen daarom schuin in de sluis. Als de sluisdeuren open gaan en ik nog bezig ben mijn touw op te rollen varen ze al naar voren. Ze varen bijna bij ons binnen. Ik laat het touw voor wat het is en geef flink gas. Omdat Marga en Pepijn nog een paar boodschappen in Châtillon doen laten we ze voorgaan.  

De volgende sluis en alle sluizen daarna zullen we ons over hen blijven verbazen. Zij staat in de sluizen voorop en zingt (vals) met een walkman op haar hoofd terwijl ze aan de touwen hangt. Hij gaat in de sluizen rustig met een sigaar in de keuken zitten om een boekje te lezen terwijl de boot ondertussen van de ene sluiswand op de andere botst. Ook de twee dubbele en de driedubbele sluis die we vandaag tegen komen worden op dezelfde nonchalante wijze genomen. 
Bij Chavance botst hij bijna op een andere boot als hij vanuit de dubbele sluis met volle vaart de driedubbele wil instuiven en er pas op het laatste moment achterkomt dat daar nog een boot in ligt die de andere kant wil uitvaren.  

De sluiswachters doen net alsof ze het geklungel niet zien en kijken de andere kant op. Ondertussen zorgen ze er wel voor dat er geen ongelukken gebeuren. Aan één van hen vraag ik naar de weersverwachting. Er komen volgens hem nog wel wat 'éclaircissements' maar daar is tot nu toe weinig van te merken.

Als we op het hoogste punt zijn vraagt de sluiswachter of we nog verder varen. Ik zeg dat ik dat wel wil als het ophoudt te regenen, anders blijven we hier. Daar kan de sluiswachter niets mee. We moeten een vaste tijd afspreken. Ik besluit dan maar pas morgenochtend verder te varen. Het zou jammer zijn met dit weer door de tunnels te varen. Dit stuk moet erg mooi zijn.

Om circa vier uur stopt de regen. Pepijn, Maarten, Robert en ik besluiten de tunnels te voet te verkennen.

We lopen langs het kanaaldeel dat naar de tunnels leidt. Het kanaal zakt naast ons steeds verder weg in het landschap. Dan zien we de tunnelingang. Via een paadje lopen we naar beneden. Aan de rechterzijde is een jaagpad door de tunnel. Met z'n vieren en drie zaklantaarns lopen we door het donker van de tunnel. Gelukkig is aan de wand een reling bevestigd. De eerste tunnel is erg donker en heeft wel een drietal luchtgaten maar dat geeft niet veel licht. De tweede en derde tunnel zijn aanmerkelijk korter. Tussen de tunnels in bevinden we ons in soort van kloof met hoge gemetselde wanden.
Na de derde tunnel kunnen we niet meer verder. We willen  bovenlangs weer teruglopen maar er is hier geen pad naar boven zodat we weer door de derde tunnel terug moeten lopen. Tussen de tweede en de derde tunnel kunnen we wel naar boven. Van bovenaf hebben we een goed zicht op de diepe sleuf die zich tussen de tunnels bevindt.
Boven de eerste tunnel bekijken we de luchtschachten. Er zijn er drie. Ze zijn afgedekt met een rooster. We klimmen erop en kijken door het rooster naar beneden. Diep onder ons zien we het water glinsteren. We lopen door en komen langs een aantal dienstgebouwen die bij de tunnel hoorden. Er staat met grote letters 'Bureau' boven een deur.  
Als we terug lopen naar de boot is het weer prachtig zonnig weer. Marga en ik wandelen nog een stukje langs het meer terwijl mijn moeder ondertussen pannenkoeken bakt. Er wordt veel gevist in het meer. Er is bij onze boot een strook aangewezen voor het nachtvissen op karpers.

 

Canal du Nivernais            Andere kanalen            Vorige dag            Volgende dag