English versionTweede dag: Van Cercy-la-Tour naar Châtillon-en-Bazois


Deze avond liggen we in Châtillon-en-Bazois. We liggen in een wat desolaat haventje vlakbij het kasteel van Châtillon. We kijken op het kasteel en de kasteeltuinen die grenzen aan het Canal du Nivernais. Boven het haventje vliegt een reiger een rondje en landt vervolgens in de kasteeltuinen aan de rand van de slotgracht. Châtillon is een stadje aan de Aron waar een vrij drukke weg doorloopt die het stadje doorsnijdt, de D978. Wel is er een heel aardig doorkijkje op de plek waar de Aron door het plaatsje loopt.

Vanochtend begonnen we in Cercy met een extra passagier. Gistermiddag had een meisje van zes jaar, Zoë, ons gevraagd of ze mee mocht varen. Uitgerust met een rugzakje, een fototoestel en een zak snoep om uit te delen stapte ze bij ons op de boot. Haar grootmoeder en een andere vrouw maakten wel 10 foto's van onze boot. De volgende sluis monsterde ze weer af.

We voeren weer door dat prachtige landschap waar we maar niet genoeg van krijgen. Nog steeds links de heuvels en rechts de vallei van de Aron. Links staan diverse chateaus en voorname boerenhoeven op de heuvels. Rechts van ons meandert de Aron door het landschap, komt soms heel dicht bij en zondert zich even later weer af.
We varen tot de middagpauze door naar l'écluse d'Anizy. In dit stukje komen Aron en kanaal weer even samen. Pepijn heeft tijdens het varen de lunch reeds voorbereid zodat we direct na het afmeren kunnen eten.
Na de middag varen we verder. Het is nog steeds even mooi. De natuur is prachtig. Het lijkt of de bomen per uur meer in blad komen te staan. Toen we aan deze vaarvakantie begonnen waren er nauwelijks groene blaadjes te ontdekken, nu staan vrijwel alle bomen in fris groen.
Bij sluis 21 (Fleury) zien we een sluiswachterswoning die tot pannenkoekenhuis is omgetoverd. We besluiten er te stoppen en wat op het terras te drinken. Robert, Pepijn en Maarten nemen een ijsje. Ik kijk bij een waterinlaat bij een stuw uit 1817 die in 1987 is gerestaureerd. Er staat nu weinig water maar het water kan er worden opgestuwd en via een halfronde overloop worden doorgelaten.

Boven vrijwel alle sluiswachterswoningen staat het jaartal waarin ze zijn gebouwd, meestal 1837. Het Canal du Nivernais is in 1841 gereed gekomen met de doorbraak bij La Collancelle (hoogste punt).

Na de spontane stop varen we verder naar Châtillon-en-Bazois. Het kanaal slingert zich als een slang langs de heuvels. De Aron, die nu nog maar een klein beekje is, wijkt nu niet meer van het kanaal. Er is ook minder bebouwing nu. Op sommige plaatsen komen kanaal en Aron samen. Je merkt dat meteen aan het uitzicht. We zitten dan op het laagste punt in het landschap. Het landschap is nog steeds halfopen, overwegend weilanden met bossingels en heggen met af en toe een geel koolzaadveld ertussen. Tussen sluis 16 en 17 is het kanaal wat breder maar erg ondiep. We schuren af en toe met de boot over de bodem van het kanaal en ik zie achter me de modder in het water omhoog woelen maar we kunnen gelukkig gewoon doorvaren. Het varen gaat trouwens uitstekend. Robert, Pepijn en ik sturen de boot moeiteloos de sluizen in en uit.

Vanochtend was het bewolkt maar de temperatuur is nog steeds erg aangenaam. We genieten ervan en onze huid kan wat tot rust komen na al die zon van de afgelopen dagen. 's Middags schijnt de zon evenwel weer volop maar 's avonds trekt het weer dicht. Er valt zelfs een spatje regen maar we kunnen nog buiten eten. We eten vandaag gemakkelijk. We hebben in Châtillon pizza's gehaald. Ze smaken voortreffelijk. De kinderen hebben in het stadje weer een voetbalveld ontdekt en spelen daar voor en na het eten.

 

Canal du Nivernais            Andere kanalen            Vorige dag            Volgende dag